BWBR0047140
Geldig vanaf 2022-09-15
Artikel 5
Regeling specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH
1. Voor een specifieke uitkering komen in aanmerking:
a. kosten voor de gemaakte uren van de activiteiten in bijlage I met inbegrip van inhuur met een maximum van € 130 per uur met inbegrip van omzetbelasting en reiskosten, zonder maximum van de uitkering; en
b. kleine materiële uitgaven ten behoeve van de activiteiten, met een maximum van 10% van de uitkering.
2. Kosten als bedoeld in het eerste lid die zijn gemaakt in de periode 15 september 2022 tot en met 31 december 2024 komen voor vergoeding in aanmerking.
3. In afwijking van het eerste lid, onder a, wordt geen uitkering verstrekt voor verschuldigde omzetbelasting, tenzij de ontvanger aantoonbaar de omzetbelasting niet kan verrekenen of hiervoor geen compensatie kan krijgen op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.
a. kosten voor de gemaakte uren van de activiteiten in bijlage I met inbegrip van inhuur met een maximum van € 130 per uur met inbegrip van omzetbelasting en reiskosten, zonder maximum van de uitkering; en
b. kleine materiële uitgaven ten behoeve van de activiteiten, met een maximum van 10% van de uitkering.
2. Kosten als bedoeld in het eerste lid die zijn gemaakt in de periode 15 september 2022 tot en met 31 december 2024 komen voor vergoeding in aanmerking.
3. In afwijking van het eerste lid, onder a, wordt geen uitkering verstrekt voor verschuldigde omzetbelasting, tenzij de ontvanger aantoonbaar de omzetbelasting niet kan verrekenen of hiervoor geen compensatie kan krijgen op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.