BWBR0046954
Geldig vanaf 2022-07-24
Artikel 3
Regeling specifieke uitkering gemeente in verband met de versterking van de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme 2023–2026
1. De minister verstrekt een specifieke uitkering aan een gemeente voor het opzetten en onderhouden van de Basis op orde taken, voor preventieprojecten en voor eenjarige projecten.
2. De Basis op orde taken van een gemeente kunnen uit de volgende onderdelen bestaan:
a. het binnen het wettelijk kader uitvoeren of laten uitvoeren van een analyse van uiteenlopende radicale en extremistische bewegingen en trends in het lokale of regionale domein, met als doel de informatiepositie van de gemeente te verbeteren en het kennisniveau van betrokken professionals bij de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme te vergroten;
b. deskundigheidsbevordering en voorlichting aan personen en organisaties die direct betrokken zijn bij de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme;
c. het binnen de wettelijke kaders opbouwen, behouden en faciliteren door een gemeente, van een meldpunt of een netwerk van personen en organisaties die betrokken zijn bij het signaleren van mogelijke radicalisering;
d. het binnen het wettelijk kader voeren van casus- en procesregie, afstemmen met ketenpartners, het monitoren en het omzetten van de persoonsgerichte aanpak in een beleidsmatige aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme;
e. het inzetten van expertise ten behoeve van het vormgeven van de persoonsgerichte aanpak op het terrein van radicalisering, extremisme en terrorisme;
f. het coördineren van de regionale samenwerking op de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme door de hoofdaanvrager.
3. Een preventieproject bestaat uit:
a. een generiek preventieproject: zijnde een project dat de weerbaarheid van specifieke doelgroepen acterend in het domein van radicalisering, extremisme en terrorisme versterkt, of
b. een gericht preventieproject: zijnde een project dat is gericht op radicaliserende personen en hun directe omgeving.
2. De Basis op orde taken van een gemeente kunnen uit de volgende onderdelen bestaan:
a. het binnen het wettelijk kader uitvoeren of laten uitvoeren van een analyse van uiteenlopende radicale en extremistische bewegingen en trends in het lokale of regionale domein, met als doel de informatiepositie van de gemeente te verbeteren en het kennisniveau van betrokken professionals bij de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme te vergroten;
b. deskundigheidsbevordering en voorlichting aan personen en organisaties die direct betrokken zijn bij de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme;
c. het binnen de wettelijke kaders opbouwen, behouden en faciliteren door een gemeente, van een meldpunt of een netwerk van personen en organisaties die betrokken zijn bij het signaleren van mogelijke radicalisering;
d. het binnen het wettelijk kader voeren van casus- en procesregie, afstemmen met ketenpartners, het monitoren en het omzetten van de persoonsgerichte aanpak in een beleidsmatige aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme;
e. het inzetten van expertise ten behoeve van het vormgeven van de persoonsgerichte aanpak op het terrein van radicalisering, extremisme en terrorisme;
f. het coördineren van de regionale samenwerking op de lokale integrale aanpak van radicalisering, extremisme en terrorisme door de hoofdaanvrager.
3. Een preventieproject bestaat uit:
a. een generiek preventieproject: zijnde een project dat de weerbaarheid van specifieke doelgroepen acterend in het domein van radicalisering, extremisme en terrorisme versterkt, of
b. een gericht preventieproject: zijnde een project dat is gericht op radicaliserende personen en hun directe omgeving.