BWBR0046873
Geldig vanaf 2022-07-09
Artikel 8
Subsidieregeling IPCEI Health
1. Het subsidieplafond voor de eerste wave van IPCEI Health bedraagt € 41.800.000.
2. De subsidie bedraagt per Nederlands belangrijk project niet meer dan:
a. het in het Europees goedkeuringsbesluit op te nemen maximum subsidiebedrag per subsidieaanvrager, voor zover de activiteiten bestaan uit onderzoek en ontwikkeling, de eerste industriële toepassing van innovatieve producten of diensten of infrastructuurprojectactiviteiten;
b. € 10.450.000 per subsidieaanvrager;
c. € 7.500.000 per subsidieaanvrager, indien de activiteiten bestaan uit: 1°. een haalbaarheidsstudie door een onderneming of onderzoeksorganisatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c;
2°. het verrichten van investeringen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel d, door een middelgrote of kleine onderneming; of
3°. proces- en organisatie-innovatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel f, door een onderneming;
1°. een haalbaarheidsstudie door een onderneming of onderzoeksorganisatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c;
2°. het verrichten van investeringen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel d, door een middelgrote of kleine onderneming; of
3°. proces- en organisatie-innovatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel f, door een onderneming;
3. De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen overeenkomstig de rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel 11.
4. Indien aan meerdere subsidieaanvragen dezelfde score is toegekend na toepassing van artikel 11, wordt door middel van loting van die aanvragen de definitieve plaats in de rangschikking bepaald.
2. De subsidie bedraagt per Nederlands belangrijk project niet meer dan:
a. het in het Europees goedkeuringsbesluit op te nemen maximum subsidiebedrag per subsidieaanvrager, voor zover de activiteiten bestaan uit onderzoek en ontwikkeling, de eerste industriële toepassing van innovatieve producten of diensten of infrastructuurprojectactiviteiten;
b. € 10.450.000 per subsidieaanvrager;
c. € 7.500.000 per subsidieaanvrager, indien de activiteiten bestaan uit: 1°. een haalbaarheidsstudie door een onderneming of onderzoeksorganisatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c;
2°. het verrichten van investeringen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel d, door een middelgrote of kleine onderneming; of
3°. proces- en organisatie-innovatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel f, door een onderneming;
1°. een haalbaarheidsstudie door een onderneming of onderzoeksorganisatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdelen b en c;
2°. het verrichten van investeringen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel d, door een middelgrote of kleine onderneming; of
3°. proces- en organisatie-innovatie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onderdeel f, door een onderneming;
3. De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen overeenkomstig de rangschikkingscriteria, bedoeld in artikel 11.
4. Indien aan meerdere subsidieaanvragen dezelfde score is toegekend na toepassing van artikel 11, wordt door middel van loting van die aanvragen de definitieve plaats in de rangschikking bepaald.