BWBR0046562
Geldig vanaf 2022-04-14
Artikel 10
Subtaak- en ondermandaatbesluit Directie Juridische Zaken Defensie 2022
1. De functionarissen, bedoeld in de artikelen 3a, 3b, 4a, 5a, 6a, 7a, 8aen 9amaken geen gebruik van de aan hen verleende bevoegdheden in gevallen waarin de rechtshandeling of andere handeling van een zodanig gewicht is dat deze redelijkerwijs door de Directeur Juridische Zaken dient te worden verricht.
2. De functionarissen, bedoeld in de artikelen 4a, 5a, 6a, 7a, 8aen 9a, maken geen gebruik van de aan hen verleende bevoegdheden in gevallen waarin de rechtshandeling of andere handeling van een zodanig gewicht is dat deze redelijkerwijs, bij afwezigheid van de Directeur Juridische Zaken, door de plaatsvervangend directeur of de adjunct directeur dient te worden verricht.
2. De functionarissen, bedoeld in de artikelen 4a, 5a, 6a, 7a, 8aen 9a, maken geen gebruik van de aan hen verleende bevoegdheden in gevallen waarin de rechtshandeling of andere handeling van een zodanig gewicht is dat deze redelijkerwijs, bij afwezigheid van de Directeur Juridische Zaken, door de plaatsvervangend directeur of de adjunct directeur dient te worden verricht.