BWBR0046494
Geldig vanaf 2022-04-01
Artikel 3
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond voor subsidiëring Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026)
1. Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026 geldt voor de periode vanaf inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2026 voor aanvragen bedoeld in artikel 2, tweede lid, een subsidieplafond van € 1.385.000.
2. Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026 geldt voor de periode vanaf inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2026 voor
a. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel a, een subsidieplafond van € 200.000;
b. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel b, een subsidieplafond van € 200.000;
c. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, een subsidieplafond van € 200.000;
met dien verstande dat indien na de periodes genoemd in de onderdelen a en b een deel van het daar bedoelde subsidieplafond resteert, dit beschikbaar is voor aanvragen in de eerstvolgende periode.
3. Indien na toepassing van het eerste lid middelen van het daar bedoelde subsidieplafond resteren, zijn deze beschikbaar voor aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, en indien na toepassing van het tweede lid, onderdeel c, middelen van het daar bedoelde subsidieplafond resteren, is dit beschikbaar voor aanvragen bedoeld in het eerste lid.
4. Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026 gelden voor aanvragen bedoeld in artikel 2, vijfde lid, nader bekend te maken subsidieplafonds.
2. Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026 geldt voor de periode vanaf inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2026 voor
a. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel a, een subsidieplafond van € 200.000;
b. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel b, een subsidieplafond van € 200.000;
c. aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, een subsidieplafond van € 200.000;
met dien verstande dat indien na de periodes genoemd in de onderdelen a en b een deel van het daar bedoelde subsidieplafond resteert, dit beschikbaar is voor aanvragen in de eerstvolgende periode.
3. Indien na toepassing van het eerste lid middelen van het daar bedoelde subsidieplafond resteren, zijn deze beschikbaar voor aanvragen bedoeld in artikel 2, derde lid, onderdeel c, en indien na toepassing van het tweede lid, onderdeel c, middelen van het daar bedoelde subsidieplafond resteren, is dit beschikbaar voor aanvragen bedoeld in het eerste lid.
4. Voor subsidieverlening in het kader van het Subsidieprogramma Support International Business 2022–2026 gelden voor aanvragen bedoeld in artikel 2, vijfde lid, nader bekend te maken subsidieplafonds.