BWBR0046378
Geldig vanaf 2022-03-03
Artikel 8
Instellingsbesluit Tijdelijke commissie beoordeling De Nederlandse Hogeronderwijspremie 2022
1. De leden van de commissie ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding.
a. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter, zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, gedurende een jaar (januari 2022 tot en met december 2022) een arbeidsduurfactor van 0,20.
b. Het commissielid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, b en d, declareert gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 14, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,13.
c. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van het commissielid, zoals bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel c, h en g, gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een arbeidsduurfactor van 0,13.
d. Het student-lid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel e en f, declareert gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 10, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,13.
2. Reis- en verblijfkosten worden vergoed volgens paragraaf 10.2 van de cao Rijk 2020.
a. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter, zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, gedurende een jaar (januari 2022 tot en met december 2022) een arbeidsduurfactor van 0,20.
b. Het commissielid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, b en d, declareert gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 14, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,13.
c. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van het commissielid, zoals bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel c, h en g, gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een arbeidsduurfactor van 0,13.
d. Het student-lid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel e en f, declareert gedurende vijf maanden (januari 2022 tot en met mei 2022) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 10, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,13.
2. Reis- en verblijfkosten worden vergoed volgens paragraaf 10.2 van de cao Rijk 2020.