BWBR0046353
Geldig vanaf 2022-03-01
Artikel 6
Tijdelijke regeling verstrekkingen gerepatrieerden en evacués Oekraïne 2022
1. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedoelde eenmalige tegemoetkoming voor de aanloopkosten bedraagt: € 70,–.
2. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wekelijkse toelage bedraagt:
a. bij een één- of tweepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué en de alleenstaande minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 70,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 60,–;
b. bij een driepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué: € 60,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,–;
c. bij vier- of meerpersoonhuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,–.
3. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden op een door de Minister te bepalen tijdstip en wijze aan de gerepatrieerde of evacué beschikbaar gesteld.
4. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en tweede lid, onderdeel a, voor een minderjarige gerepatrieerde of evacué, die een kind is van, of verzorgd wordt door één of meer in Nederland verblijvende meerderjarige gerepatrieerden of evacués worden uitbetaald aan één van die gerepatrieerden of evacués.
2. De hoogte van de in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wekelijkse toelage bedraagt:
a. bij een één- of tweepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué en de alleenstaande minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 70,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 60,–;
b. bij een driepersoonshuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué: € 60,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,–;
c. bij vier- of meerpersoonhuishouden: voor de meerderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,– en voor de minderjarige gerepatrieerde of evacué: € 50,–.
3. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden op een door de Minister te bepalen tijdstip en wijze aan de gerepatrieerde of evacué beschikbaar gesteld.
4. De verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, en tweede lid, onderdeel a, voor een minderjarige gerepatrieerde of evacué, die een kind is van, of verzorgd wordt door één of meer in Nederland verblijvende meerderjarige gerepatrieerden of evacués worden uitbetaald aan één van die gerepatrieerden of evacués.