BWBR0046301
Geldig vanaf 10-02-2022
Artikel 9
Regeling vaststelling tijdelijke subsidieregeling journalistieke professionalisering lokale publieke media-diensten
1. Het Stimuleringsfonds beoordeelt aanvragen voor subsidie als bedoeld in artikel 2, tweede lid, op basis van randvoorwaardelijke criteria. Als een verzoek niet aan deze criteria voldoet, wijst het Stimuleringsfonds het verzoek op formele gronden af.
2. De randvoorwaardelijke criteria zijn:
a. Het creëren van nieuwe arbeidsplaatsen als bedoeld in artikel 2, eerste lid is onderdeel van een project dat gericht is op journalistieke professionalisering;
b. Het project wordt uitgevoerd onder leiding van een eindverantwoordelijke persoon die aantoonbaar in staat is zowel inhoudelijk als organisatorisch het project in goede banen te leiden;
c. De aanvragende lokale publieke media-instelling is of, in geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, de bij de aanvraag betrokken lokale publieke media-instellingen zijn door het Commissariaat voor de Media op grond van titel 2.3 van de Mediawet 2008 aangewezen als lokale publieke media-instelling, welke aanwijzing geldig is gedurende de projectperiode; en
d. De aanvrager is of,in geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, de bij een aanvraag betrokken lokale publieke media-instellingen zijn voor de projectperiode verzekerd van de reguliere bekostiging als bedoeld in artikel 2.170b van de Mediawet 2008.
2. De randvoorwaardelijke criteria zijn:
a. Het creëren van nieuwe arbeidsplaatsen als bedoeld in artikel 2, eerste lid is onderdeel van een project dat gericht is op journalistieke professionalisering;
b. Het project wordt uitgevoerd onder leiding van een eindverantwoordelijke persoon die aantoonbaar in staat is zowel inhoudelijk als organisatorisch het project in goede banen te leiden;
c. De aanvragende lokale publieke media-instelling is of, in geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, de bij de aanvraag betrokken lokale publieke media-instellingen zijn door het Commissariaat voor de Media op grond van titel 2.3 van de Mediawet 2008 aangewezen als lokale publieke media-instelling, welke aanwijzing geldig is gedurende de projectperiode; en
d. De aanvrager is of,in geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel b, de bij een aanvraag betrokken lokale publieke media-instellingen zijn voor de projectperiode verzekerd van de reguliere bekostiging als bedoeld in artikel 2.170b van de Mediawet 2008.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0046301
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl