BWBR0046271
Geldig vanaf 01-01-2015
Artikel 17
Regeling op de advocatuur
1. De algemene raad wijst het verzoek om erkenning af indien:
a. de opleidingsinstelling i. in surseance van betaling verkeert of over de instelling het faillissement is uitgesproken;
ii. opleiden niet als hoofdactiviteit heeft en evenmin een aparte afdeling heeft die opleiden als hoofdactiviteit heeft;
i. in surseance van betaling verkeert of over de instelling het faillissement is uitgesproken;
ii. opleiden niet als hoofdactiviteit heeft en evenmin een aparte afdeling heeft die opleiden als hoofdactiviteit heeft;
b. de opleidingen i. niet gericht zijn op de doelgroepen: – advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
– advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
ii. niet of onvoldoende bijdragen aan de vakbekwaamheid van de advocaat;
i. niet gericht zijn op de doelgroepen: – advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
– advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
ii. niet of onvoldoende bijdragen aan de vakbekwaamheid van de advocaat;
c. het kwaliteitsplan i. naar het oordeel van de algemene raad onvoldoende bijdraagt aan de verbetering en het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs;
ii. onvoldoende waarborg biedt dat de opleiding van academisch niveau is en aansluit bij de praktijk van advocaten;
iii. onvoldoende waarborg biedt dat er kennisoverdracht plaatsvindt.
i. naar het oordeel van de algemene raad onvoldoende bijdraagt aan de verbetering en het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs;
ii. onvoldoende waarborg biedt dat de opleiding van academisch niveau is en aansluit bij de praktijk van advocaten;
iii. onvoldoende waarborg biedt dat er kennisoverdracht plaatsvindt.
2. De algemene raad kan een verzoek om erkenning afwijzen indien naar zijn overtuiging de instelling niet voldoet of kan voldoen aan de bepalingen van artikel 18.
a. de opleidingsinstelling i. in surseance van betaling verkeert of over de instelling het faillissement is uitgesproken;
ii. opleiden niet als hoofdactiviteit heeft en evenmin een aparte afdeling heeft die opleiden als hoofdactiviteit heeft;
i. in surseance van betaling verkeert of over de instelling het faillissement is uitgesproken;
ii. opleiden niet als hoofdactiviteit heeft en evenmin een aparte afdeling heeft die opleiden als hoofdactiviteit heeft;
b. de opleidingen i. niet gericht zijn op de doelgroepen: – advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
– advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
ii. niet of onvoldoende bijdragen aan de vakbekwaamheid van de advocaat;
i. niet gericht zijn op de doelgroepen: – advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
– advocaten;
– academisch geschoolde juristen;
– beoefenaren van een toegelaten vrij beroep;
– een combinatie van deze doelgroepen.
ii. niet of onvoldoende bijdragen aan de vakbekwaamheid van de advocaat;
c. het kwaliteitsplan i. naar het oordeel van de algemene raad onvoldoende bijdraagt aan de verbetering en het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs;
ii. onvoldoende waarborg biedt dat de opleiding van academisch niveau is en aansluit bij de praktijk van advocaten;
iii. onvoldoende waarborg biedt dat er kennisoverdracht plaatsvindt.
i. naar het oordeel van de algemene raad onvoldoende bijdraagt aan de verbetering en het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs;
ii. onvoldoende waarborg biedt dat de opleiding van academisch niveau is en aansluit bij de praktijk van advocaten;
iii. onvoldoende waarborg biedt dat er kennisoverdracht plaatsvindt.
2. De algemene raad kan een verzoek om erkenning afwijzen indien naar zijn overtuiging de instelling niet voldoet of kan voldoen aan de bepalingen van artikel 18.
- Citeren als
- Art. 17
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0046271
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl