BWBR0045790
Geldig vanaf 26-11-2021
Artikel 1:1
Regeling specifieke bepalingen IFR en IFD
In deze regeling wordt verstaan onder:
a) DNB: De Nederlandsche Bank N.V.;
b) IFD: Investment Firm Directive of richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen, oftewel Richtlijn (EU) 2019/2034 van het Europees parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende het prudentiële toezicht op beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijnen 2002/87/EG, 2009/65/EG, 2011/61/EU, 2013/36/EU, 2014/59/EU en 2014/65/EU (PbEU 2019, L 314);
c) IFR: Investment Firm Regulation of verordening prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen, oftewel Verordening (EU) 2019/2033 van het Europees parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 575/2013, (EU) nr. 600/2014 en (EU) nr. 806/2014 (PbEU 2019, L 314);
d) AIFM-richtlijn: Alternative Investment Fund Managers Directive of richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen, oftewel Richtlijn (EU) 2011/61 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2003/41/EG en 2009/65/EG en van de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 1095/2010 (PbEU 2011, L 174);
e) UCITS-richtlijn: Undertakings for Collective Investment in Transferable Securities Directive of richtlijn betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten, oftewel Richtlijn (EU) 2009/65 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe’s) (PbEU 2009, L 302);
f) Wft: de Wet op het financieel toezicht;
g) Bpr:Besluit prudentiële regels Wft;
h) EBA: de Europese Bankenautoriteit (European Banking Authority).
a) DNB: De Nederlandsche Bank N.V.;
b) IFD: Investment Firm Directive of richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen, oftewel Richtlijn (EU) 2019/2034 van het Europees parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende het prudentiële toezicht op beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijnen 2002/87/EG, 2009/65/EG, 2011/61/EU, 2013/36/EU, 2014/59/EU en 2014/65/EU (PbEU 2019, L 314);
c) IFR: Investment Firm Regulation of verordening prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen, oftewel Verordening (EU) 2019/2033 van het Europees parlement en de Raad van 27 november 2019 betreffende prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 575/2013, (EU) nr. 600/2014 en (EU) nr. 806/2014 (PbEU 2019, L 314);
d) AIFM-richtlijn: Alternative Investment Fund Managers Directive of richtlijn inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen, oftewel Richtlijn (EU) 2011/61 inzake beheerders van alternatieve beleggingsinstellingen en tot wijziging van de Richtlijnen 2003/41/EG en 2009/65/EG en van de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 1095/2010 (PbEU 2011, L 174);
e) UCITS-richtlijn: Undertakings for Collective Investment in Transferable Securities Directive of richtlijn betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten, oftewel Richtlijn (EU) 2009/65 tot coördinatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen betreffende bepaalde instellingen voor collectieve belegging in effecten (icbe’s) (PbEU 2009, L 302);
f) Wft: de Wet op het financieel toezicht;
g) Bpr:Besluit prudentiële regels Wft;
h) EBA: de Europese Bankenautoriteit (European Banking Authority).
- Citeren als
- Art. 1:1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0045790
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl