BWBR0045694
Geldig vanaf 2021-10-15
Artikel 3
Tijdelijke stimuleringsregeling doelmatig en duurzaam gebruik verkeersinfrastructuur 2021
Tot het in artikel 2genoemde doel kan de minister overeenkomstig de afspraken die hierover zijn gemaakt in het kader van de Bestuurlijke Overleggen MIRT 2020 op aanvraag van een provincie of een gemeente een specifieke uitkering verstrekken voor:
a. organisatorische inbedding van levering van actuele en betrouwbare data voor digitale mobiliteitsdiensten en het data-gedreven uitvoeren van overheidstaken in het mobiliteitsdomein en daarop gerichte planvorming;
b. ondersteuning van bevordering van vermindering van gebruik van het openbaar vervoer door studenten in de spits;
c. ondersteuning bij kennisuitwisseling en planvorming door werkgevers en advisering aan werkgevers over verduurzaming van woon-werkverkeer;
d. ondersteuning van stimulering door werkgevers van gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer en zakelijk verkeer;
e. ondersteuning bij het opstellen van een regionaal fietsnetwerkplan;
f. ondersteuning bij het doen van onderzoek en het opstellen en uitvoeren van plannen ten behoeve van de ontwikkeling van keten- en deelmobiliteit;
g. ondersteuning bij haalbaarheidsonderzoeken ten behoeve van de totstandkoming van een landelijk dekkend netwerk van duurzame tank- en laadinfrastructuur voor wegtransport en binnenvaart;
h. advies en ondersteuning bij het opstellen van een regionaal plan van aanpak voor verkeer en vervoer van goederen gericht op verbetering van de bereikbaarheid en vermindering van CO2-emissie en voor de uitvoering van dit plan.
a. organisatorische inbedding van levering van actuele en betrouwbare data voor digitale mobiliteitsdiensten en het data-gedreven uitvoeren van overheidstaken in het mobiliteitsdomein en daarop gerichte planvorming;
b. ondersteuning van bevordering van vermindering van gebruik van het openbaar vervoer door studenten in de spits;
c. ondersteuning bij kennisuitwisseling en planvorming door werkgevers en advisering aan werkgevers over verduurzaming van woon-werkverkeer;
d. ondersteuning van stimulering door werkgevers van gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer en zakelijk verkeer;
e. ondersteuning bij het opstellen van een regionaal fietsnetwerkplan;
f. ondersteuning bij het doen van onderzoek en het opstellen en uitvoeren van plannen ten behoeve van de ontwikkeling van keten- en deelmobiliteit;
g. ondersteuning bij haalbaarheidsonderzoeken ten behoeve van de totstandkoming van een landelijk dekkend netwerk van duurzame tank- en laadinfrastructuur voor wegtransport en binnenvaart;
h. advies en ondersteuning bij het opstellen van een regionaal plan van aanpak voor verkeer en vervoer van goederen gericht op verbetering van de bereikbaarheid en vermindering van CO2-emissie en voor de uitvoering van dit plan.