BWBR0045686
Geldig vanaf 2022-02-16
Artikel 11
Aanvullende subsidieregeling pilot praktijkgericht programma voor gl en tl
1. De minister kan op aanvraag van het bevoegd gezag van een school of vavo-instelling subsidie verstrekken voor deelname op een vestiging aan de pilot met een extra praktijkgericht programma, genoemd in artikel 14, eerste lid, indien het bevoegd gezag voor die vestiging op grond van artikel 3, eerste lid, dan wel artikel 13, eerste lid, van de Subsidieregeling pilot praktijkgericht programma voor gl en tl, zoals luidend op 1 september 2021, subsidie heeft ontvangen. De pilot vindt plaats in de schooljaren 2022/2023 en 2023/2024.
2. De minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid, verstrekken voor de volgende activiteiten:
a. het starten met een extra praktijkgericht programma als onderdeel van het curriculum voor leerlingen in het derde en het vierde leerjaar van de gemengde leerweg of de theoretische leerweg;
b. het voorbereiden van de implementatie van een extra praktijkgericht programma;
c. Het leveren van input op vraagstukken die samenhangen met het aanbieden van meerdere praktijkgerichte programma’s zoals de samenhang en overlap tussen programma’s en de haalbaarheid van het aanbieden van meer programma’s;
d. het opbouwen en onderhouden van een netwerk met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen in de regio; en
e. het opzetten of intensiveren van een samenwerking met een mbo-instelling of een havo-instelling ten behoeve van het opbouwen en onderwijzen van het extra praktijkgericht programma.
3. Geen subsidie wordt verstrekt voor:
a. de kosten voor huisvesting, bedoeld in artikel 6.2 van de WVO 2020;
b. activiteiten die al worden bekostigd uit de rijksbijdrage; of
c. activiteiten waarvoor de 'minister al op grond van een andere regeling subsidie heeft verstrekt.
2. De minister kan de subsidie, bedoeld in het eerste lid, verstrekken voor de volgende activiteiten:
a. het starten met een extra praktijkgericht programma als onderdeel van het curriculum voor leerlingen in het derde en het vierde leerjaar van de gemengde leerweg of de theoretische leerweg;
b. het voorbereiden van de implementatie van een extra praktijkgericht programma;
c. Het leveren van input op vraagstukken die samenhangen met het aanbieden van meerdere praktijkgerichte programma’s zoals de samenhang en overlap tussen programma’s en de haalbaarheid van het aanbieden van meer programma’s;
d. het opbouwen en onderhouden van een netwerk met het bedrijfsleven en maatschappelijke instellingen in de regio; en
e. het opzetten of intensiveren van een samenwerking met een mbo-instelling of een havo-instelling ten behoeve van het opbouwen en onderwijzen van het extra praktijkgericht programma.
3. Geen subsidie wordt verstrekt voor:
a. de kosten voor huisvesting, bedoeld in artikel 6.2 van de WVO 2020;
b. activiteiten die al worden bekostigd uit de rijksbijdrage; of
c. activiteiten waarvoor de 'minister al op grond van een andere regeling subsidie heeft verstrekt.