BWBR0045681
Geldig vanaf 2021-10-12
Artikel 7
Regeling specifieke uitkering inhalen COVID-19-gerelateerde onderwijsvertragingen
1. De ontvangende gemeente legt verantwoording af over de besteding van de specifieke uitkering op de wijze bepaald in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.
2. De Minister stelt de specifieke uitkering vast nadat de gemeente de eindverantwoording, namelijk de jaarverslaggeving over uiterlijk het jaar 2026, zoals bedoeld in het eerste lid, aan de Minister heeft verstrekt.
3. Als uit de eindverantwoording blijkt dat de uitkering niet, niet geheel, of onrechtmatig is besteed kan de Minister tot twaalf maanden na het ontvangen van de eindverantwoording de uitkering ter hoogte van het niet of onrechtmatig bestede deel terugvorderen.
2. De Minister stelt de specifieke uitkering vast nadat de gemeente de eindverantwoording, namelijk de jaarverslaggeving over uiterlijk het jaar 2026, zoals bedoeld in het eerste lid, aan de Minister heeft verstrekt.
3. Als uit de eindverantwoording blijkt dat de uitkering niet, niet geheel, of onrechtmatig is besteed kan de Minister tot twaalf maanden na het ontvangen van de eindverantwoording de uitkering ter hoogte van het niet of onrechtmatig bestede deel terugvorderen.