BWBR0045602
Geldig vanaf 2021-09-10
Artikel 7
Regeling tegemoetkoming waterschade in Limburg en het onbedijkte gebied langs de Maas in Noord-Brabant in juli 2021
1. De hoogte van de tegemoetkoming in de schade, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, bedraagt 65% van het schadebedrag. Deze schade wordt berekend in overeenstemming met artikel 50, vierde lid, van de AGVV of voor de landbouwsector in overeenstemming met artikel 30, zesde lid, van de LVV.
2. In afwijking van het eerste lid wordt de tegemoetkoming in de schade, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, voor een gedupeerd kerkgenootschap, een gedupeerde vereniging of een gedupeerde stichting vastgesteld overeenkomstig de artikelen 3en 4, tenzij de stichting of vereniging een zorginstelling of onderneming in stand houdt.
3. In afwijking van het eerste lid, eerste volzin, bedraagt de hoogte van de tegemoetkoming in de schade, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, voor een gedupeerd openbaar lichaam 58,5% van het schadebedrag.
2. In afwijking van het eerste lid wordt de tegemoetkoming in de schade, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, voor een gedupeerd kerkgenootschap, een gedupeerde vereniging of een gedupeerde stichting vastgesteld overeenkomstig de artikelen 3en 4, tenzij de stichting of vereniging een zorginstelling of onderneming in stand houdt.
3. In afwijking van het eerste lid, eerste volzin, bedraagt de hoogte van de tegemoetkoming in de schade, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel d, van de wet, voor een gedupeerd openbaar lichaam 58,5% van het schadebedrag.