BWBR0045516
Geldig vanaf 13-04-2023
Artikel 9
Algemeen subsidiereglement 2021
1. Het Fonds verstrekt alleen subsidie als de aanvrager:
a. aantoont dat er een begrotingstekort is en dat ondersteuning door het Fonds nodig is;
b. de mogelijkheid van andere inkomsten dan de gevraagde subsidie onderzoekt, rekening houdend met de aard van het project of de activiteiten; en
c. aannemelijk maakt dat het financiële middelen, samen met de subsidie van het Fonds, voldoende is om het project of de activiteiten uit te voeren.
2. Per deelregeling kan het Fonds bepalen dat alleen subsidie wordt gegeven bij bepaalde minimale of maximale totale kosten van projecten of activiteiten.
3. Per deelregeling kan het Fonds als voorwaarde stellen dat aanvragers bepaalde eigen inkomsten behalen.
4. Per deelregeling maakt het Fonds bekend welk percentage de subsidie kan uitmaken van de totale project- of activiteitenkosten.
5. Het Fonds kan beperkingen verbinden aan de omvang van bepaalde begrotingsposten, zoals aan de posten onvoorzien en materiële investeringen, ten opzichte van de totale kosten van projecten of activiteiten.
6. Alleen kosten die direct verband houden met de projecten of activiteiten komen in aanmerking voor subsidiëring.
a. aantoont dat er een begrotingstekort is en dat ondersteuning door het Fonds nodig is;
b. de mogelijkheid van andere inkomsten dan de gevraagde subsidie onderzoekt, rekening houdend met de aard van het project of de activiteiten; en
c. aannemelijk maakt dat het financiële middelen, samen met de subsidie van het Fonds, voldoende is om het project of de activiteiten uit te voeren.
2. Per deelregeling kan het Fonds bepalen dat alleen subsidie wordt gegeven bij bepaalde minimale of maximale totale kosten van projecten of activiteiten.
3. Per deelregeling kan het Fonds als voorwaarde stellen dat aanvragers bepaalde eigen inkomsten behalen.
4. Per deelregeling maakt het Fonds bekend welk percentage de subsidie kan uitmaken van de totale project- of activiteitenkosten.
5. Het Fonds kan beperkingen verbinden aan de omvang van bepaalde begrotingsposten, zoals aan de posten onvoorzien en materiële investeringen, ten opzichte van de totale kosten van projecten of activiteiten.
6. Alleen kosten die direct verband houden met de projecten of activiteiten komen in aanmerking voor subsidiëring.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0045516
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl