BWBR0045515
Geldig vanaf 20-08-2021
Artikel 1
Compensatieregeling Coronacrisis Meerjarige Kunstpodia Vierde Steunmaatregel
In de regeling wordt verstaan onder:
1. het fonds: het Mondriaan Fonds,
2. het bestuur: de directeur-bestuurder van het fonds,
3. Nederland: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de bijzondere gemeentes Bonaire, Sint-Eustatius en Saba.
4. eigen inkomsten: de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening: a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten: a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
5. reserves: vrij besteedbaar vermogen, behorende tot: a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
1. het fonds: het Mondriaan Fonds,
2. het bestuur: de directeur-bestuurder van het fonds,
3. Nederland: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de bijzondere gemeentes Bonaire, Sint-Eustatius en Saba.
4. eigen inkomsten: de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening: a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten: a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
5. reserves: vrij besteedbaar vermogen, behorende tot: a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0045515
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl