BWBR0045451
Geldig vanaf 2021-08-01
Artikel 2
Besluit mandaat, volmacht en machtiging tijdelijke tolheffing RDW
Aan de Dienst Wegverkeer wordt mandaat en machtiging verleend tot het nemen van besluiten en het verrichten van overige handelingen die verband houden met:
a. het vastleggen van gegevens van motorrijtuigen met een locatiegebonden technisch hulpmiddel, bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de wet;
b. het tot stand brengen van een testomgeving en het vastleggen van gegevens van motorrijtuigen ten behoeve van het testen van een locatiegebonden technisch hulpmiddel, bedoeld in artikel 4b, eerste en tweede lid, van de wet;
c. het verlenen van een ontheffing, bedoeld in artikel 6, vierde lid, van de wet;
d. het aanmanen van de houder, bedoeld in artikel 8 van de wet;
e. het kwijtschelden van het toltarief, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de wet;
f. het opleggen van een bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet;
g. het vaststellen van een waarnemingsplan als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15;
h. het faciliteren van de uitoefening van de rechten van de betrokkene als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de Algemene verordening gegevensbescherming;
i. het verwerken van de persoonsgegevens ten behoeve van de uitvoering van de hiervoor genoemde taken.
a. het vastleggen van gegevens van motorrijtuigen met een locatiegebonden technisch hulpmiddel, bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de wet;
b. het tot stand brengen van een testomgeving en het vastleggen van gegevens van motorrijtuigen ten behoeve van het testen van een locatiegebonden technisch hulpmiddel, bedoeld in artikel 4b, eerste en tweede lid, van de wet;
c. het verlenen van een ontheffing, bedoeld in artikel 6, vierde lid, van de wet;
d. het aanmanen van de houder, bedoeld in artikel 8 van de wet;
e. het kwijtschelden van het toltarief, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de wet;
f. het opleggen van een bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de wet;
g. het vaststellen van een waarnemingsplan als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15;
h. het faciliteren van de uitoefening van de rechten van de betrokkene als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de Algemene verordening gegevensbescherming;
i. het verwerken van de persoonsgegevens ten behoeve van de uitvoering van de hiervoor genoemde taken.