BWBR0044967
Geldig vanaf 2021-03-26
Artikel 2
Instellingsbesluit Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie
1. Er is een Adviescommissie Uitkeringsregeling chroom-6 Defensie.
2. De commissie heeft tot taak te komen tot een antwoord op de volgende vraagstellingen en dienaangaande een advies uit te brengen:
a. Bepaal hoe de Uitkeringsregeling zich verhoudt tot het wettelijk kader, tot de regelingen zoals die Rijksbreed zijn vastgesteld en betrek hierbij ook het rapport en de aanbevelingen van de Commissie Vergemakkelijken Schadeafhandeling Beroepsziekten (VSAB);
b. Onderzoek in hoeverre de arbeidsomstandigheden op de Prepositioned Organizational Materiel Sites (POMS) van Defensie, zoals Eygelshoven, dermate uniek waren ten opzichte van de arbeidsomstandigheden op andere defensielocaties waar gewerkt is met chroom-6 in genoemde periode, dat het daardoor gerechtvaardigd kan zijn om alleen voor alle oud-medewerkers van de POMS een aparte rechtspositionele regeling vast te stellen;
c. Voer een impactanalyse uit voor de situatie waarin voor het recht op een uitkering als uitgangspunt wordt gehanteerd een vergoeding voor iedere werknemer die mogelijk is blootgesteld aan chroom-6/gevaarlijke stoffen in plaats van de uitgangspunten zoals gehanteerd bij het opstellen van de Uitkeringsregeling Defensie. Het gaat hierbij om het loslaten van (1) het uitgangspunt dat er sprake moet zijn van blootstelling en een ziekte of medische aandoeningen en (2) het bestaan van causaliteit tussen ziekte en blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof op basis van wetenschappelijk onderbouwde criteria waarbij minimaal sprake moet zijn van een ziekte die ervan verdacht wordt veroorzaakt te kunnen zijn door blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof. De analyse moet zich minimaal richten op wat de mogelijke (juridische, maatschappelijke en financiële) consequenties zijn voor Defensie, de rijksoverheid, het bedrijfsleven en op de betrokken (oud-)medewerkers en nabestaanden.
2. De commissie heeft tot taak te komen tot een antwoord op de volgende vraagstellingen en dienaangaande een advies uit te brengen:
a. Bepaal hoe de Uitkeringsregeling zich verhoudt tot het wettelijk kader, tot de regelingen zoals die Rijksbreed zijn vastgesteld en betrek hierbij ook het rapport en de aanbevelingen van de Commissie Vergemakkelijken Schadeafhandeling Beroepsziekten (VSAB);
b. Onderzoek in hoeverre de arbeidsomstandigheden op de Prepositioned Organizational Materiel Sites (POMS) van Defensie, zoals Eygelshoven, dermate uniek waren ten opzichte van de arbeidsomstandigheden op andere defensielocaties waar gewerkt is met chroom-6 in genoemde periode, dat het daardoor gerechtvaardigd kan zijn om alleen voor alle oud-medewerkers van de POMS een aparte rechtspositionele regeling vast te stellen;
c. Voer een impactanalyse uit voor de situatie waarin voor het recht op een uitkering als uitgangspunt wordt gehanteerd een vergoeding voor iedere werknemer die mogelijk is blootgesteld aan chroom-6/gevaarlijke stoffen in plaats van de uitgangspunten zoals gehanteerd bij het opstellen van de Uitkeringsregeling Defensie. Het gaat hierbij om het loslaten van (1) het uitgangspunt dat er sprake moet zijn van blootstelling en een ziekte of medische aandoeningen en (2) het bestaan van causaliteit tussen ziekte en blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof op basis van wetenschappelijk onderbouwde criteria waarbij minimaal sprake moet zijn van een ziekte die ervan verdacht wordt veroorzaakt te kunnen zijn door blootstelling aan chroom-6 of de gevaarlijke stof. De analyse moet zich minimaal richten op wat de mogelijke (juridische, maatschappelijke en financiële) consequenties zijn voor Defensie, de rijksoverheid, het bedrijfsleven en op de betrokken (oud-)medewerkers en nabestaanden.