BWBR0044965
Geldig vanaf 26-03-2021
Artikel 1
Regeling van het Fonds Podiumkunsten voor meerjarige instellingen voor tweede aanvullende ondersteuning in verband met gederfde inkomsten als gevolg van de uitbraak van COVID-19 en de maatregelen ter bestrijding ervan
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
bestuur: de raad van bestuur van de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten;
meerjarige instelling: instelling die subsidie verkrijgt op grond van de Deelregeling meerjarige productiesubsidies Fonds Podiumkunsten 2021–2024 of de Deelregeling meerjarige festivalsubsidies Fonds Podiumkunsten 2021–2024.
2. Onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening, verstaan:
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1°. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2°. indirecte opbrengsten; en
3°. overige bijdragen.
1°. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2°. indirecte opbrengsten; en
3°. overige bijdragen.
3. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
bestuur: de raad van bestuur van de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten;
meerjarige instelling: instelling die subsidie verkrijgt op grond van de Deelregeling meerjarige productiesubsidies Fonds Podiumkunsten 2021–2024 of de Deelregeling meerjarige festivalsubsidies Fonds Podiumkunsten 2021–2024.
2. Onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening, verstaan:
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1°. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2°. indirecte opbrengsten; en
3°. overige bijdragen.
1°. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2°. indirecte opbrengsten; en
3°. overige bijdragen.
3. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044965
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl