BWBR0044782
Geldig vanaf 2021-02-06
Artikel 4
Beleidsregel hardheidsclausule Tozo 1
1. Het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad verklaren, met gebruikmaking van het in Bijlage IIopgenomen model, schriftelijk dat de uitvoering gedurende Tozo 1 ten aanzien van de kosten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, zorgvuldig heeft plaatsgevonden.
2. Indien de uitvoering van het besluitgedurende Tozo 1 was overgedragen aan een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8 van de Wet gemeenschappelijke regelingenverklaart het algemeen bestuur, met gebruikmaking van het in Bijlage IIIopgenomen model, schriftelijk dat de uitvoering gedurende Tozo 1 ten aanzien van de kosten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, zorgvuldig heeft plaatsgevonden.
3. In de overweging om overeenkomstig het eerste en tweede lid te verklaren betrekken het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad, respectievelijk het algemeen bestuur, in ieder geval de ondernomen en, gegeven de omstandigheden, redelijkerwijs te vergen inspanningen en maatregelen om:
a. geconstateerde fouten en onzekerheden in de wijze waarop het besluit is uitgevoerd op te heffen; en
b. fouten en onzekerheden ten aanzien van belangrijke rechtmatigheidseisen, vermeld in de tabel opgenomen in Bijlage I, te reduceren.
4. De verklaring wordt ondertekend:
a. bij toepassing van het eerste lid: het college en de gemeenteraad, indien de uitvoering van Tozo 1 heeft plaatsgevonden door een individuele gemeente, waarbij één handtekening volstaat van de burgemeester als lid van het college en tevens als voorzitter van de raad;
b. bij toepassing van het tweede lid: algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling.
2. Indien de uitvoering van het besluitgedurende Tozo 1 was overgedragen aan een openbaar lichaam als bedoeld in artikel 8 van de Wet gemeenschappelijke regelingenverklaart het algemeen bestuur, met gebruikmaking van het in Bijlage IIIopgenomen model, schriftelijk dat de uitvoering gedurende Tozo 1 ten aanzien van de kosten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, zorgvuldig heeft plaatsgevonden.
3. In de overweging om overeenkomstig het eerste en tweede lid te verklaren betrekken het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad, respectievelijk het algemeen bestuur, in ieder geval de ondernomen en, gegeven de omstandigheden, redelijkerwijs te vergen inspanningen en maatregelen om:
a. geconstateerde fouten en onzekerheden in de wijze waarop het besluit is uitgevoerd op te heffen; en
b. fouten en onzekerheden ten aanzien van belangrijke rechtmatigheidseisen, vermeld in de tabel opgenomen in Bijlage I, te reduceren.
4. De verklaring wordt ondertekend:
a. bij toepassing van het eerste lid: het college en de gemeenteraad, indien de uitvoering van Tozo 1 heeft plaatsgevonden door een individuele gemeente, waarbij één handtekening volstaat van de burgemeester als lid van het college en tevens als voorzitter van de raad;
b. bij toepassing van het tweede lid: algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling.