BWBR0044698
Geldig vanaf 2021-01-14
Artikel 8
Instellingsbesluit Tijdelijke commissie beoordeling Nederlandse Hogeronderwijspremies 2021
1. De leden van de commissie ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding.
a. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter, zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, gedurende een jaar (januari 2021 tot en met december 2021) een arbeidsduurfactor van 0,20.
b. Het commissielid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, c en e, declareert gedurende zes maanden (januari 2021 tot en met juni 2021) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 14, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,11.
c. Het student-lid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel b en d, declareert gedurende zes maanden (januari 2021 tot en met juni 2021) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 10, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,11.
2. Reis- en verblijfkosten worden vergoed volgens paragraaf 10.2 van de cao Rijk 2020.
a. De onderwijsinstelling factureert als werkgever op basis van de salariskosten een vergoeding voor de werkzaamheden van de voorzitter, zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel a, gedurende een jaar (januari 2021 tot en met december 2021) een arbeidsduurfactor van 0,20.
b. Het commissielid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, c en e, declareert gedurende zes maanden (januari 2021 tot en met juni 2021) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 14, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,11.
c. Het student-lid, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel b en d, declareert gedurende zes maanden (januari 2021 tot en met juni 2021) een vaste vergoeding per maand gebaseerd op schaal 10, trede 0, cao Rijk 2020 voor een arbeidsduurfactor van 0,11.
2. Reis- en verblijfkosten worden vergoed volgens paragraaf 10.2 van de cao Rijk 2020.