BWBR0044640
Geldig vanaf 01-01-2021
Artikel 11
Deelreglement Filmactiviteiten van de Stichting Nederlands Fonds voor de film
1. Een projectsubsidie kan worden verleend voor het organiseren van een filmfestival dat als doel heeft het stimuleren van kennisontwikkeling en - verspreiding over en profilering en promotie van de professionele film in Nederland.
2. Filmfestivals dienen te voldoen aan de volgende voorwaarden om voor een subsidie in aanmerking te komen:
a. het festival vindt plaats in Nederland;
b. de aanvrager werkt samen met private en publieke partners die substantieel meefinancieren in de kosten van de filmactiviteit, waarbij lokale financiering van de gemeente of provincie of een hieraan gelieerd fonds voor tenminste 5% een voorwaarde is voor een eventuele bijdrage van het Fonds;
c. het festival heeft al minimaal twee eerdere edities gehad (met uitzondering van een filmfestival dat gewijd is aan een maker of auteur).
d. het festival vindt uiterlijk 7 maanden na het indienen van de aanvraag plaats.
3. De hoogte van de bijdrage van het Fonds bedraagt maximaal 30% van de totale kosten van een filmfestival dat in aanmerking komt voor een meerjarige of projectsubsidie voor filmfestivals.
4. In afwijking van artikel 5 van het Algemeen reglement wordt een aanvraag voor een filmfestival getoetst aan de volgende criteria; het filmfestival:
a. dient een primair cinematografisch belang en biedt bezoekers de gelegenheid inzicht te krijgen in, en kennis te nemen van, ontwikkelingen op cinematografisch gebied;
b. presenteert een programma dat een meerwaarde heeft ten opzichte van het reguliere aanbod van filmvertoningen in Nederland;
c. vertoont internationale professionele filmproducties met een hoogwaardige artistieke kwaliteit en diversiteit;
d. heeft een landelijk(e) uitstraling;
e. heeft wat betreft de inhoudelijke en zakelijke organisatie een goede staat van dienst; en
f. kent een evenwichtige verhouding tussen kosten, gevraagde bijdrage, recette en publieksbereik.
5. Het bestuur let daarbij op de spreiding en diversiteit van festivals in Nederland. Ook let het bestuur op de samenwerkingen die het filmfestival aangaat met andere (kunst)disciplines en hoe de codes met betrekking tot fair practice, diversiteit en inclusiviteit door het festival worden toegepast.
6. Het bestuur geeft prioriteit aan filmfestivals met een relevant nevenprogramma op het gebied van internationale samenwerking, talentontwikkeling, innovatie van de cinematografie, educatie of een combinatie hiervan.
7. In afwijking van het eerste lid kunnen aanvragers die gedurende vier of meer aaneensluitende jaren direct voorafgaande de aanvraag subsidies voor het filmfestival van het Fonds hebben ontvangen en deze vorige edities succesvol en in lijn met de daaraan gestelde verplichtingen hebben afgerond, een projectsubsidie voor twee jaar aanvragen, voor het organiseren van twee edities van hetzelfde jaarlijks terugkerend filmfestival.
2. Filmfestivals dienen te voldoen aan de volgende voorwaarden om voor een subsidie in aanmerking te komen:
a. het festival vindt plaats in Nederland;
b. de aanvrager werkt samen met private en publieke partners die substantieel meefinancieren in de kosten van de filmactiviteit, waarbij lokale financiering van de gemeente of provincie of een hieraan gelieerd fonds voor tenminste 5% een voorwaarde is voor een eventuele bijdrage van het Fonds;
c. het festival heeft al minimaal twee eerdere edities gehad (met uitzondering van een filmfestival dat gewijd is aan een maker of auteur).
d. het festival vindt uiterlijk 7 maanden na het indienen van de aanvraag plaats.
3. De hoogte van de bijdrage van het Fonds bedraagt maximaal 30% van de totale kosten van een filmfestival dat in aanmerking komt voor een meerjarige of projectsubsidie voor filmfestivals.
4. In afwijking van artikel 5 van het Algemeen reglement wordt een aanvraag voor een filmfestival getoetst aan de volgende criteria; het filmfestival:
a. dient een primair cinematografisch belang en biedt bezoekers de gelegenheid inzicht te krijgen in, en kennis te nemen van, ontwikkelingen op cinematografisch gebied;
b. presenteert een programma dat een meerwaarde heeft ten opzichte van het reguliere aanbod van filmvertoningen in Nederland;
c. vertoont internationale professionele filmproducties met een hoogwaardige artistieke kwaliteit en diversiteit;
d. heeft een landelijk(e) uitstraling;
e. heeft wat betreft de inhoudelijke en zakelijke organisatie een goede staat van dienst; en
f. kent een evenwichtige verhouding tussen kosten, gevraagde bijdrage, recette en publieksbereik.
5. Het bestuur let daarbij op de spreiding en diversiteit van festivals in Nederland. Ook let het bestuur op de samenwerkingen die het filmfestival aangaat met andere (kunst)disciplines en hoe de codes met betrekking tot fair practice, diversiteit en inclusiviteit door het festival worden toegepast.
6. Het bestuur geeft prioriteit aan filmfestivals met een relevant nevenprogramma op het gebied van internationale samenwerking, talentontwikkeling, innovatie van de cinematografie, educatie of een combinatie hiervan.
7. In afwijking van het eerste lid kunnen aanvragers die gedurende vier of meer aaneensluitende jaren direct voorafgaande de aanvraag subsidies voor het filmfestival van het Fonds hebben ontvangen en deze vorige edities succesvol en in lijn met de daaraan gestelde verplichtingen hebben afgerond, een projectsubsidie voor twee jaar aanvragen, voor het organiseren van twee edities van hetzelfde jaarlijks terugkerend filmfestival.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044640
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl