BWBR0044517
Geldig vanaf 01-10-2020
Artikel 30
OER vernieuwde BA
1. De examencommissie neemt bij de vaststelling van de tijdvakken waarin de gelegenheid wordt geboden om een toets af te leggen en de toetsdata in acht:
a. dat voor het deelnemen aan een toets ten minste drie gelegenheden worden geboden binnen drie jaar na beëdiging van de stagiaire;
b. de volgorde van toetsen die blijkt uit het curriculum en artikel 3.19, tweede en derde lid, van de Verordening;
c. de studeerbaarheid en voorgeschreven voorbereiding voor de stagiaire.
2. De tijdvakken worden jaarlijks door de examencommissie vastgesteld en uiterlijk bij de start van een cohort bekend gemaakt.
3. De toetsdata worden zo spoedig mogelijk na aanvang van het opleidingsjaar, en niet later dan vier maanden vóór de toetsdatum, bekendgemaakt door of namens de examencommissie.
a. dat voor het deelnemen aan een toets ten minste drie gelegenheden worden geboden binnen drie jaar na beëdiging van de stagiaire;
b. de volgorde van toetsen die blijkt uit het curriculum en artikel 3.19, tweede en derde lid, van de Verordening;
c. de studeerbaarheid en voorgeschreven voorbereiding voor de stagiaire.
2. De tijdvakken worden jaarlijks door de examencommissie vastgesteld en uiterlijk bij de start van een cohort bekend gemaakt.
3. De toetsdata worden zo spoedig mogelijk na aanvang van het opleidingsjaar, en niet later dan vier maanden vóór de toetsdatum, bekendgemaakt door of namens de examencommissie.
- Citeren als
- Art. 30
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044517
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl