BWBR0044503
Geldig vanaf 16-12-2020
Artikel 6f
Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2021, versie 1.0
De vereisten voor de verstrekking van toevoegingen in kinderontvoeringszaken zijn:
1. Succesvol hebben deelgenomen aan een door de Raad goedgekeurde cursus op het gebied van internationale kinderontvoering, waarbij in ieder geval kennis is opgedaan van het Haags Kinderontvoeringsverdrag van 25 oktober 1980 (HKOV), de Uitvoeringswet inzake internationale ontvoering van kinderen van 2 mei 1990, de Verordening Brussel II Bis, het Haags Kinderbeschermingsverdrag van 1996 (HKBV) en cross border mediation. De cursus dient minder dan 3 jaar voor het verzoek tot inschrijving gevolgd te zijn.29De goedgekeurde cursussen staan vermeld op www.rvr.org;
2. Het behandeld hebben van tenminste drie internationale kinderontvoeringszaken onder begeleiding van een minimaal drie jaar voor de specialisatie internationale kinderontvoeringszaken ingeschreven advocaat. Het aantal van drie zaken moet zijn meegelopen met minimaal twee verschillende advocaten in een periode van drie jaar voorafgaand aan het indienen van een verzoek om inschrijving voor dit terrein. Deze eis van begeleiding geldt niet voor advocaten die in de periode van drie jaar voorafgaand aan het indienen van het verzoek om inschrijving voor dit terrein drie internationale kinderontvoeringszaken zonder begeleiding hebben behandeld.
Het behalen van vier opleidingspunten op het terrein van internationale kinderontvoeringzaken, te behalen door het bijwonen van tenminste twee bijeenkomsten per jaar op het gebied van internationale kinderontvoering waarbij rechtsontwikkelingen en jurisprudentie op het gebied van internationale kinderontvoering worden besproken, georganiseerd door een door de Raad goedgekeurde instelling.30Goedgekeurd zijn in ieder geval de bijeenkomsten van of in samenwerking met Centrum IKO en Dutch International Abduction Lawyers (D.I.A.L.)/Vereniging IKO.
1. Succesvol hebben deelgenomen aan een door de Raad goedgekeurde cursus op het gebied van internationale kinderontvoering, waarbij in ieder geval kennis is opgedaan van het Haags Kinderontvoeringsverdrag van 25 oktober 1980 (HKOV), de Uitvoeringswet inzake internationale ontvoering van kinderen van 2 mei 1990, de Verordening Brussel II Bis, het Haags Kinderbeschermingsverdrag van 1996 (HKBV) en cross border mediation. De cursus dient minder dan 3 jaar voor het verzoek tot inschrijving gevolgd te zijn.29De goedgekeurde cursussen staan vermeld op www.rvr.org;
2. Het behandeld hebben van tenminste drie internationale kinderontvoeringszaken onder begeleiding van een minimaal drie jaar voor de specialisatie internationale kinderontvoeringszaken ingeschreven advocaat. Het aantal van drie zaken moet zijn meegelopen met minimaal twee verschillende advocaten in een periode van drie jaar voorafgaand aan het indienen van een verzoek om inschrijving voor dit terrein. Deze eis van begeleiding geldt niet voor advocaten die in de periode van drie jaar voorafgaand aan het indienen van het verzoek om inschrijving voor dit terrein drie internationale kinderontvoeringszaken zonder begeleiding hebben behandeld.
Het behalen van vier opleidingspunten op het terrein van internationale kinderontvoeringzaken, te behalen door het bijwonen van tenminste twee bijeenkomsten per jaar op het gebied van internationale kinderontvoering waarbij rechtsontwikkelingen en jurisprudentie op het gebied van internationale kinderontvoering worden besproken, georganiseerd door een door de Raad goedgekeurde instelling.30Goedgekeurd zijn in ieder geval de bijeenkomsten van of in samenwerking met Centrum IKO en Dutch International Abduction Lawyers (D.I.A.L.)/Vereniging IKO.
- Citeren als
- Art. 6f
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044503
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl