BWBR0044489
Geldig vanaf 01-01-2021
Artikel 5
Regeling Architectuur
1. Er wordt geen subsidie verleend aan of voor:
a. instellingen die een structurele subsidierelatie hebben met de rijksoverheid of subsidie ontvangen op grond van de Regeling Vierjarige Instellingssubsidie Creatieve Industrie of de Regeling 1- en 2-jarig Activiteitenprogramma van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
b. projecten die al zijn gesubsidieerd op grond van een subsidieregeling van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie met uitzondering van een startsubsidie;
c. projecten van aanvragers die gedurende de looptijd van het project al ondersteuning ontvangen voor het uitvoeren van hun ontwikkelplan vanuit de Regeling Talentontwikkeling Creatieve Industrie van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
d. projecten waarvoor op het moment van indienen al een aanvraag in behandeling is op basis van een andere subsidieregeling van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
e. activiteiten die al hebben plaatsgevonden of starten voor de beschikkingsdatum;
f. projecten waarbij geen sprake is van een redelijke mate van cofinanciering gegeven de opzet van het project, met uitzondering van een startsubsidie;
g. projecten die na een geheel of gedeeltelijk afwijzend besluit door het bestuur opnieuw worden ingediend, zonder dat er sprake is van door de aanvrager benoemde gewijzigde omstandigheden of nieuwe feiten;
h. projecten waarvoor al tweemaal eerder subsidie is aangevraagd en waarbij de aanvragen zijn geweigerd of negatief zijn beoordeeld;
i. aanvragen die niet op tijd zijn ingediend of niet volledig zijn;
j. onderwijsprogramma’s;
k. instellingen voor hoger beroepsonderwijs of universiteiten;
l. studiereizen in het kader van een opleiding;
m. projecten die plaatsvinden in het kader van studie of opleiding;
n. projecten die een reprise of een herdruk betreffen;
o. seriële productie;
p. arbeidskosten voor medewerkers van rijks-, provinciale en gemeentelijke instellingen;
q. het verwerven van eigendommen, materialen of apparatuur die ook na afloop van het project een waarde vertegenwoordigen;
r. reguliere bouw- en restauratiekosten;
s. het opstellen van ontwerp-, inrichtings-, restauratie- en verbouwingsplannen;
t. activiteiten en kosten die direct samenhangen met het oprichten van een bedrijf of organisatie;
u. activiteiten die de reguliere bedrijfsactiviteiten niet overstijgen.
a. instellingen die een structurele subsidierelatie hebben met de rijksoverheid of subsidie ontvangen op grond van de Regeling Vierjarige Instellingssubsidie Creatieve Industrie of de Regeling 1- en 2-jarig Activiteitenprogramma van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
b. projecten die al zijn gesubsidieerd op grond van een subsidieregeling van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie met uitzondering van een startsubsidie;
c. projecten van aanvragers die gedurende de looptijd van het project al ondersteuning ontvangen voor het uitvoeren van hun ontwikkelplan vanuit de Regeling Talentontwikkeling Creatieve Industrie van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
d. projecten waarvoor op het moment van indienen al een aanvraag in behandeling is op basis van een andere subsidieregeling van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
e. activiteiten die al hebben plaatsgevonden of starten voor de beschikkingsdatum;
f. projecten waarbij geen sprake is van een redelijke mate van cofinanciering gegeven de opzet van het project, met uitzondering van een startsubsidie;
g. projecten die na een geheel of gedeeltelijk afwijzend besluit door het bestuur opnieuw worden ingediend, zonder dat er sprake is van door de aanvrager benoemde gewijzigde omstandigheden of nieuwe feiten;
h. projecten waarvoor al tweemaal eerder subsidie is aangevraagd en waarbij de aanvragen zijn geweigerd of negatief zijn beoordeeld;
i. aanvragen die niet op tijd zijn ingediend of niet volledig zijn;
j. onderwijsprogramma’s;
k. instellingen voor hoger beroepsonderwijs of universiteiten;
l. studiereizen in het kader van een opleiding;
m. projecten die plaatsvinden in het kader van studie of opleiding;
n. projecten die een reprise of een herdruk betreffen;
o. seriële productie;
p. arbeidskosten voor medewerkers van rijks-, provinciale en gemeentelijke instellingen;
q. het verwerven van eigendommen, materialen of apparatuur die ook na afloop van het project een waarde vertegenwoordigen;
r. reguliere bouw- en restauratiekosten;
s. het opstellen van ontwerp-, inrichtings-, restauratie- en verbouwingsplannen;
t. activiteiten en kosten die direct samenhangen met het oprichten van een bedrijf of organisatie;
u. activiteiten die de reguliere bedrijfsactiviteiten niet overstijgen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0044489
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl