BWBR0044414
Geldig vanaf 2021-01-01
Artikel 5
Tijdelijke regeling financiële tegemoetkoming voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg
1. De commissie stelt het slachtoffer in de gelegenheid zijn aanvraag toe te lichten in een gesprek in het geval het slachtoffer dat wenst.
2. De commissie kan bij haar aanwezige gegevens ten aanzien van beslissingen op eerdere aanvragen en tegemoetkomingen op grond van de Tijdelijke regeling uitkeringen seksueel misbruik minderjarigen in instellingen en pleeggezinnenof op grond van artikel 3 van de wetinzien en betrekken bij de beoordeling van de aanvraag. In het aanvraagformulier bedoeld in artikel 4, tweede lidgeeft het slachtoffer aan of hij de commissie daar toestemming voor geeft.
3. De commissie kan aan daarvoor in aanmerking komende autoriteiten, colleges, ambtenaren en andere personen de inlichtingen vragen die zij ter vervulling van haar taak nodig acht. In het aanvraagformulier bedoeld in artikel 4, tweede lidgeeft het slachtoffer aan of hij de commissie daar toestemming voor geeft.
2. De commissie kan bij haar aanwezige gegevens ten aanzien van beslissingen op eerdere aanvragen en tegemoetkomingen op grond van de Tijdelijke regeling uitkeringen seksueel misbruik minderjarigen in instellingen en pleeggezinnenof op grond van artikel 3 van de wetinzien en betrekken bij de beoordeling van de aanvraag. In het aanvraagformulier bedoeld in artikel 4, tweede lidgeeft het slachtoffer aan of hij de commissie daar toestemming voor geeft.
3. De commissie kan aan daarvoor in aanmerking komende autoriteiten, colleges, ambtenaren en andere personen de inlichtingen vragen die zij ter vervulling van haar taak nodig acht. In het aanvraagformulier bedoeld in artikel 4, tweede lidgeeft het slachtoffer aan of hij de commissie daar toestemming voor geeft.