BWBR0044146
Geldig vanaf 2020-10-01
Artikel 7
Regeling specifieke uitkering ontzorgingsprogramma maatschappelijk vastgoed
1. De ontvanger van de eenmalige specifieke uitkering is verplicht om:
a. de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, af te ronden voor 1 januari 2024;
b. De minister op verzoek te informeren over de voortgang van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verstrekt.
2. Indien de uitvoering van de activiteiten voor de datum, genoemd in het eerste lid, onder a, buiten de schuld van de ontvanger van de specifieke uitkering niet mogelijk is, kan de minister die termijn op schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de ontvanger eenmaal met ten hoogste een jaar verlengen.
a. de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, af te ronden voor 1 januari 2024;
b. De minister op verzoek te informeren over de voortgang van de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verstrekt.
2. Indien de uitvoering van de activiteiten voor de datum, genoemd in het eerste lid, onder a, buiten de schuld van de ontvanger van de specifieke uitkering niet mogelijk is, kan de minister die termijn op schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de ontvanger eenmaal met ten hoogste een jaar verlengen.