BWBR0044128
Geldig vanaf 2020-10-01
Artikel 2
Regeling specifieke uitkering flexibele inzet woningbouw
1. De minister verstrekt op aanvraag van gedeputeerde staten een eenmalige specifieke uitkering aan de provincie voor de financiering van de bundeling van flexibele inzet van expertise en capaciteit die in de provinciale of gemeentelijke organisatie of bij een waterschap worden ingezet door de provincie ter bevordering van de snelheid in de voorfase van de woningbouw, door middel van het bieden van ondersteuning en expertise ten behoeve van:
a. de vergunningverlening van woningbouwprojecten;
b. het uitwerken van een woningbouwproject;
c. het sluiten van anterieure overeenkomsten met marktpartijen; of
d. het opstellen van een bestemmingsplan en het doorlopen van de bijbehorende procedure.
2. De specifieke uitkering bedraagt voor de provincie:
a. Drenthe: €442.149;
b. Flevoland: € 884.298;
c. Friesland: € 442.149;
d. Gelderland: € 2.873.967;
e. Groningen: € 663.223;
f. Limburg: € 663.223;
g. Noord-Brabant: € 3.758.264;
h. Noord-Holland: € 6.190.083;
i. Overijssel: € 1.326.446;
j. Utrecht: € 2.652.893;
k. Zeeland: € 442.149; en
l. Zuid-Holland: € 6.190.083.
3. De specifieke uitkering wordt in twee delen uitbetaald.
4. De specifieke uitkering wordt niet verstrekt voor BTW verschuldigd over kosten voor de activiteiten in eerste lid voor zover het bedrag van de BTW in aanmerking komt voor compensatie op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.
a. de vergunningverlening van woningbouwprojecten;
b. het uitwerken van een woningbouwproject;
c. het sluiten van anterieure overeenkomsten met marktpartijen; of
d. het opstellen van een bestemmingsplan en het doorlopen van de bijbehorende procedure.
2. De specifieke uitkering bedraagt voor de provincie:
a. Drenthe: €442.149;
b. Flevoland: € 884.298;
c. Friesland: € 442.149;
d. Gelderland: € 2.873.967;
e. Groningen: € 663.223;
f. Limburg: € 663.223;
g. Noord-Brabant: € 3.758.264;
h. Noord-Holland: € 6.190.083;
i. Overijssel: € 1.326.446;
j. Utrecht: € 2.652.893;
k. Zeeland: € 442.149; en
l. Zuid-Holland: € 6.190.083.
3. De specifieke uitkering wordt in twee delen uitbetaald.
4. De specifieke uitkering wordt niet verstrekt voor BTW verschuldigd over kosten voor de activiteiten in eerste lid voor zover het bedrag van de BTW in aanmerking komt voor compensatie op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds.