BWBR0043782
Geldig vanaf 2021-02-08
Artikel 6
Regeling specifieke uitkering opzet expertisecentra jeugdhulp 2020
1. De coördinerende gemeente informeert de minister op verzoek over de voortgang van het opzetten van het expertisecentrum jeugdhulp en de activiteiten die hiervoor ondernomen worden en over de besteding van de middelen uit de specifieke uitkering.
2. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp de landelijke projectleider informeert via het lerend netwerk expertisecentra over de voortgang van het opzetten van het expertisecentrum, de activiteiten die hiervoor ondernomen worden en over de besteding van de middelen uit de specifieke uitkering.
3. De coördinerende gemeente meldt onverwijld schriftelijk aan de minister indien aannemelijk is dat het te realiseren resultaat van de specifieke uitkering, de opzet van een expertisecentrum, niet, niet tijdig of niet geheel wordt verricht.
4. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp het expertisecentrum opzet conform drie functies: 1) consultatie en, 2) organiseren van zorg en 3) kennisontwikkeling, aansluitend op de bestaande bovenregionale infrastructuur, volgens de uitgangspunten voor de uitwerkingsrichting zoals geformuleerd in de Kamerbrief ‘Stand van zaken expertisecentra jeugdhulp’ d.d. 17 juni 2020. 2https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2020Z11393&did=2020D24497
5. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp participeert in het landelijk lerend netwerk expertisecentra dat tot taak heeft te komen tot kwaliteitscriteria voor de expertisecentra jeugdhulp.
6. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de wethouder die verantwoordelijk is voor het jeugddomein deelneemt aan de stuurgroep expertisecentra jeugdhulp.
7. De activiteiten voor de opzet van het expertisecentrum jeugdhulp zoals bedoeld in deze regeling, zijn uiterlijk op 1 april 2021 afgerond.
2. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp de landelijke projectleider informeert via het lerend netwerk expertisecentra over de voortgang van het opzetten van het expertisecentrum, de activiteiten die hiervoor ondernomen worden en over de besteding van de middelen uit de specifieke uitkering.
3. De coördinerende gemeente meldt onverwijld schriftelijk aan de minister indien aannemelijk is dat het te realiseren resultaat van de specifieke uitkering, de opzet van een expertisecentrum, niet, niet tijdig of niet geheel wordt verricht.
4. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp het expertisecentrum opzet conform drie functies: 1) consultatie en, 2) organiseren van zorg en 3) kennisontwikkeling, aansluitend op de bestaande bovenregionale infrastructuur, volgens de uitgangspunten voor de uitwerkingsrichting zoals geformuleerd in de Kamerbrief ‘Stand van zaken expertisecentra jeugdhulp’ d.d. 17 juni 2020. 2https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2020Z11393&did=2020D24497
5. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de projectleider expertisecentra jeugdhulp participeert in het landelijk lerend netwerk expertisecentra dat tot taak heeft te komen tot kwaliteitscriteria voor de expertisecentra jeugdhulp.
6. De coördinerende gemeente zorgt ervoor dat de wethouder die verantwoordelijk is voor het jeugddomein deelneemt aan de stuurgroep expertisecentra jeugdhulp.
7. De activiteiten voor de opzet van het expertisecentrum jeugdhulp zoals bedoeld in deze regeling, zijn uiterlijk op 1 april 2021 afgerond.