BWBR0043753
Geldig vanaf 2020-07-01
Artikel 3
Regeling Specifieke uitkering Regionale Aanpak Laadinfrastructuur 2020 – 2023
1. Het plan van aanpak wordt conform afspraken in de Samenwerkingsovereenkomst Regionale Aanpak Laadinfrastructuur opgeleverd.
2. De ontvangers leveren vanaf 2021 jaarlijks op 1 maart of eerder een actualisatie van het plan van aanpak inclusief voortgangsrapportage van het voorafgaande jaar op.
3. De ontvangers besteden in gezamenlijkheid met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio de specifieke uitkering uitsluitend aan het opstellen, actualiseren en uitvoeren van het plan van aanpak zoals beschreven in de Samenwerkingsovereenkomst gesloten tussen de desbetreffende ontvanger en de andere decentrale overheden van de Samenwerkingsregio van die ontvanger.
4. De ontvangers maken met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio tijdig afspraken met de gemeenten gelegen binnen de grenzen van een Samenwerkingsregio ter uitvoering van het plan van aanpak.
5. De ontvangers stellen met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio een gezamenlijke bijdrage ter beschikking voor het opstellen, actualiseren en uitvoeren van het plan van aanpak; dit is de cofinanciering. De cofinanciering is ten minste gelijk aan de door de staatssecretaris beschikbaar gestelde bijdrage voor die betreffende Samenwerkingsregio waarvan de desbetreffende ontvanger, bedoeld in artikel 2, tweede lid, deel uitmaakt.
6. De ontvangers en de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio maken in het plan van aanpak in ieder geval inzichtelijk hoe de cofinanciering wordt ingevuld. Bestedingen aan werkzaamheden die direct samenhangen met datgene wat beschreven staat in het plan van aanpak kunnen als cofinanciering worden aangemerkt. De cofinanciering mag mede ingevuld worden door eigen middelen van de in het vierde lid bedoelde gemeenten. Als in het plan van aanpak een relatie wordt gelegd tussen het aantal te realiseren publieke laadpunten en de financiering, zijnde de specifieke uitkering en de cofinanciering, dan kan daaruit een vaste prijs per gerealiseerd publiek laadpunt afgeleid worden. De ontvanger mag bij de verantwoording van de cofinanciering van deze vaste prijs per publiek laadpunt uitgaan.
7. De specifieke uitkering of cofinanciering kan door de ontvangers en de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio mede worden besteed aan middelen die door de in het vierde lid bedoelde gemeenten worden ingezet bij het opstellen en uitvoeren van het plan van aanpak. Die gemeenten verantwoorden de inzet van deze middelen waar van toepassing aan de betreffende ontvanger of de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio.
8. Ontvangers ondertekenen voorafgaand aan de verlening van de specifieke uitkering de Samenwerkingsovereenkomst Regionale Aanpak Laadinfrastructuur samen met of namens de andere overheden van de Samenwerkingsregio.
9. De activiteiten waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend worden uitgevoerd voor 31 december 2023.
2. De ontvangers leveren vanaf 2021 jaarlijks op 1 maart of eerder een actualisatie van het plan van aanpak inclusief voortgangsrapportage van het voorafgaande jaar op.
3. De ontvangers besteden in gezamenlijkheid met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio de specifieke uitkering uitsluitend aan het opstellen, actualiseren en uitvoeren van het plan van aanpak zoals beschreven in de Samenwerkingsovereenkomst gesloten tussen de desbetreffende ontvanger en de andere decentrale overheden van de Samenwerkingsregio van die ontvanger.
4. De ontvangers maken met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio tijdig afspraken met de gemeenten gelegen binnen de grenzen van een Samenwerkingsregio ter uitvoering van het plan van aanpak.
5. De ontvangers stellen met de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio een gezamenlijke bijdrage ter beschikking voor het opstellen, actualiseren en uitvoeren van het plan van aanpak; dit is de cofinanciering. De cofinanciering is ten minste gelijk aan de door de staatssecretaris beschikbaar gestelde bijdrage voor die betreffende Samenwerkingsregio waarvan de desbetreffende ontvanger, bedoeld in artikel 2, tweede lid, deel uitmaakt.
6. De ontvangers en de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio maken in het plan van aanpak in ieder geval inzichtelijk hoe de cofinanciering wordt ingevuld. Bestedingen aan werkzaamheden die direct samenhangen met datgene wat beschreven staat in het plan van aanpak kunnen als cofinanciering worden aangemerkt. De cofinanciering mag mede ingevuld worden door eigen middelen van de in het vierde lid bedoelde gemeenten. Als in het plan van aanpak een relatie wordt gelegd tussen het aantal te realiseren publieke laadpunten en de financiering, zijnde de specifieke uitkering en de cofinanciering, dan kan daaruit een vaste prijs per gerealiseerd publiek laadpunt afgeleid worden. De ontvanger mag bij de verantwoording van de cofinanciering van deze vaste prijs per publiek laadpunt uitgaan.
7. De specifieke uitkering of cofinanciering kan door de ontvangers en de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio mede worden besteed aan middelen die door de in het vierde lid bedoelde gemeenten worden ingezet bij het opstellen en uitvoeren van het plan van aanpak. Die gemeenten verantwoorden de inzet van deze middelen waar van toepassing aan de betreffende ontvanger of de andere decentrale overheden van een Samenwerkingsregio.
8. Ontvangers ondertekenen voorafgaand aan de verlening van de specifieke uitkering de Samenwerkingsovereenkomst Regionale Aanpak Laadinfrastructuur samen met of namens de andere overheden van de Samenwerkingsregio.
9. De activiteiten waarvoor de specifieke uitkering wordt verleend worden uitgevoerd voor 31 december 2023.