Artikel 1
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
bestuur: bestuur van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
Stimuleringsfonds: Stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
reserves: vrij besteedbaar vermogen, behorend tot: a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
2. Onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening, verstaan:
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
3. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.
bestuur: bestuur van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
Stimuleringsfonds: Stichting Stimuleringsfonds Creatieve Industrie;
reserves: vrij besteedbaar vermogen, behorend tot: a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
a. de algemene reserve; en
b. het stichtingskapitaal.
2. Onder eigen inkomsten worden in deze regeling de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening, verstaan:
a. publieksinkomsten; en
b. overige inkomsten, zijnde: 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;
2. indirecte opbrengsten; en
3. overige bijdragen.
3. Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:
a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;
b. overige bijdragen uit publieke middelen;
c. rentebaten;
d. bijdragen in natura;
e. kapitalisatie van vrijwilligers;
f. waardering vrijkaarten; en
g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.