BWBR0043597
Geldig vanaf 2020-06-05
Artikel 3
Organisatie-, Mandaat- en Volmachtbesluit directie CIV SZW 2020
1. De directeur wordt voor de dagelijkse aansturing van de directie ondersteund door het managementteam. De directeur is hierbij verantwoordelijk voor de volgende taken:
a. het adviseren over informatievoorziening, beleidstrajecten met een informatievoorziening en ICT-component, de ICT-projecten, het portfolio-management voor het ministerie, veiligheid en privacy mede op basis van de rijksbrede kaders;
b. het kenbaar maken en mede bepalen van de kaders op de aandachtsgebieden van het team;
c. het bewaken van de samenhang in de informatievoorziening en ICT bij het ministerie door het opstellen en implementeren van de departementale strategie en beleidsvisie op de aandachtsgebieden van het team;
d. het verdelen van het departementale ICT-budget binnen het ministerie in afstemming met de directie Financieel-Economische Zaken, het voeren van de control daarover en rapportage aan de plaatsvervangend Secretaris-Generaal;
e. het adviseren van het ministerie over ICT-projecten, alsmede over de start, het opschorten of bijsturen tijdens de uitvoering van die projecten;
f. het genereren van beleidsinformatie op de aandachtsgebieden van het team;
g. het vertegenwoordigen van het ministerie bij het interdepartementale overleg op de aandachtsgebieden van het team;
h. het adviseren van deelnemers aan interdepartementale commissies en bestuurlijke overleggen op de aandachtsgebieden van het team;
i. het houden van toezicht op de naleving van de kaders en regelingen binnen het ministerie op de aandachtsgebieden van het team zoals informatievoorziening en ICT;
j. het adviseren van de eigenaar en opdrachtgevers van de Sociale Verzekeringsbank en het Uitvoeringsinstituut Werknemersregelingen over de aandachtsgebieden van het team.
2. De directeur wordt in de rol van CIO ondersteund door de plaatsvervangend CIO en de afdeling CIO-office. Verder wordt de directeur ondersteund door de specialistisch coördinator die, indien en slechts voor zover hij acteert vanuit zijn adviserende en toetsende rol bij de kwaliteit van IV-projecten, ook als plaatsvervangend CIO mag acteren.
3. De CIO is verantwoordelijk voor de ontwikkeling en coördinatie van het informatievoorzienings- en digitaliseringsbeleid en het zorgdragen voor de ontwikkeling en het beheer van de informatiesystemen van het ministerie. Voorts is de CIO verantwoordelijk voor de taken als bedoeld in artikel 4 van het Besluit CIO-stelselen:
a. het stimuleren van het werken met architectuur door onder andere het opstellen en actueel houden van de Enterprise architectuur en het coördineren van architectuurprocessen voor het ministerie, inclusief de Nederlandse Arbeidsinspectie en de ketens van het ministerie;
b. het stimuleren van het op een verantwoorde manier datagedreven werken bij het ministerie.
a. het adviseren over informatievoorziening, beleidstrajecten met een informatievoorziening en ICT-component, de ICT-projecten, het portfolio-management voor het ministerie, veiligheid en privacy mede op basis van de rijksbrede kaders;
b. het kenbaar maken en mede bepalen van de kaders op de aandachtsgebieden van het team;
c. het bewaken van de samenhang in de informatievoorziening en ICT bij het ministerie door het opstellen en implementeren van de departementale strategie en beleidsvisie op de aandachtsgebieden van het team;
d. het verdelen van het departementale ICT-budget binnen het ministerie in afstemming met de directie Financieel-Economische Zaken, het voeren van de control daarover en rapportage aan de plaatsvervangend Secretaris-Generaal;
e. het adviseren van het ministerie over ICT-projecten, alsmede over de start, het opschorten of bijsturen tijdens de uitvoering van die projecten;
f. het genereren van beleidsinformatie op de aandachtsgebieden van het team;
g. het vertegenwoordigen van het ministerie bij het interdepartementale overleg op de aandachtsgebieden van het team;
h. het adviseren van deelnemers aan interdepartementale commissies en bestuurlijke overleggen op de aandachtsgebieden van het team;
i. het houden van toezicht op de naleving van de kaders en regelingen binnen het ministerie op de aandachtsgebieden van het team zoals informatievoorziening en ICT;
j. het adviseren van de eigenaar en opdrachtgevers van de Sociale Verzekeringsbank en het Uitvoeringsinstituut Werknemersregelingen over de aandachtsgebieden van het team.
2. De directeur wordt in de rol van CIO ondersteund door de plaatsvervangend CIO en de afdeling CIO-office. Verder wordt de directeur ondersteund door de specialistisch coördinator die, indien en slechts voor zover hij acteert vanuit zijn adviserende en toetsende rol bij de kwaliteit van IV-projecten, ook als plaatsvervangend CIO mag acteren.
3. De CIO is verantwoordelijk voor de ontwikkeling en coördinatie van het informatievoorzienings- en digitaliseringsbeleid en het zorgdragen voor de ontwikkeling en het beheer van de informatiesystemen van het ministerie. Voorts is de CIO verantwoordelijk voor de taken als bedoeld in artikel 4 van het Besluit CIO-stelselen:
a. het stimuleren van het werken met architectuur door onder andere het opstellen en actueel houden van de Enterprise architectuur en het coördineren van architectuurprocessen voor het ministerie, inclusief de Nederlandse Arbeidsinspectie en de ketens van het ministerie;
b. het stimuleren van het op een verantwoorde manier datagedreven werken bij het ministerie.