BWBR0043357
Geldig vanaf 08-04-2020
Artikel 5
Ondersteuningsregeling gesubsidieerde toevoegingenpraktijk van advocaten en mediators COVID-19-crisis
1. Het verleende voorschot zal vanaf 1 januari 2021 worden teruggevorderd door middel van een verrekening met het rekening courant van de betreffende advocaat of mediator.
2. Het verleende voorschot zal in vier gelijke maandelijkse termijnen worden verrekend.
3. De raad voor rechtsbijstand kan, als in algemene zin de impact van de COVID-19 crisis op het rechtsbestel zeer ingrijpend wijzigt, beslissen een suppletoir voorschot toe te kennen of de verrekening van het voorschot over een langere periode uit te spreiden of op te schorten.
4. Indien de inschrijving van de advocaat of mediator door het bestuur wordt doorgehaald overeenkomstig artikel 17 van de Wet op de rechtsbijstand, is de advocaat of mediator gehouden op vordering van het bestuur het verleende voorschot met verrekening van de toegekende vergoedingen onverwijld terug te betalen.
2. Het verleende voorschot zal in vier gelijke maandelijkse termijnen worden verrekend.
3. De raad voor rechtsbijstand kan, als in algemene zin de impact van de COVID-19 crisis op het rechtsbestel zeer ingrijpend wijzigt, beslissen een suppletoir voorschot toe te kennen of de verrekening van het voorschot over een langere periode uit te spreiden of op te schorten.
4. Indien de inschrijving van de advocaat of mediator door het bestuur wordt doorgehaald overeenkomstig artikel 17 van de Wet op de rechtsbijstand, is de advocaat of mediator gehouden op vordering van het bestuur het verleende voorschot met verrekening van de toegekende vergoedingen onverwijld terug te betalen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0043357
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl