BWBR0043350
Geldig vanaf 2020-04-03
Artikel 2
Regeling instelling Adviescollege verdeling frequentieruimte commerciële radio
1. Er is een Adviescollege verdeling frequentieruimte commerciële radio.
2. Het adviescollege heeft tot taak de Minister te adviseren over:
a. de wijze van verdelen of verlengen van vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte door of ten behoeve van commerciële media-instellingen voor de periode na 1 september 2022;
b. de mogelijkheden om na het jaar 2022 huidige voorwaarden van vergunningen die commerciële media-instellingen als belemmerend ervaren te versoepelen of af te schaffen;
c. het afschakelen van frequentieruimte voor commerciële analoge radio;
d. eventuele wijzigingen van de Telecommunicatiewet die dienstig kunnen zijn ter uitvoering van het advies ten aanzien van de onderwerpen, bedoeld in de onderdelen a, b en c.
3. Bij het uitvoeren van zijn taak houdt het adviescollege rekening met de economische, maatschappelijke en culturele belangen die met het gebruik van frequentieruimte zijn gemoeid, en met de verschillende Europeesrechtelijke en nationaalrechtelijke normen en beginselen inzake de verdeling van schaarse publieke rechten in het algemeen en vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte in het bijzonder.
2. Het adviescollege heeft tot taak de Minister te adviseren over:
a. de wijze van verdelen of verlengen van vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte door of ten behoeve van commerciële media-instellingen voor de periode na 1 september 2022;
b. de mogelijkheden om na het jaar 2022 huidige voorwaarden van vergunningen die commerciële media-instellingen als belemmerend ervaren te versoepelen of af te schaffen;
c. het afschakelen van frequentieruimte voor commerciële analoge radio;
d. eventuele wijzigingen van de Telecommunicatiewet die dienstig kunnen zijn ter uitvoering van het advies ten aanzien van de onderwerpen, bedoeld in de onderdelen a, b en c.
3. Bij het uitvoeren van zijn taak houdt het adviescollege rekening met de economische, maatschappelijke en culturele belangen die met het gebruik van frequentieruimte zijn gemoeid, en met de verschillende Europeesrechtelijke en nationaalrechtelijke normen en beginselen inzake de verdeling van schaarse publieke rechten in het algemeen en vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte in het bijzonder.