BWBR0043265
Geldig vanaf 2020-03-04
Artikel 3
Mandaatbesluit Rijksvastgoedbedrijf 2020
1. Bij tijdelijke afwezigheid of verhindering van de directeur, het afdelingshoofd, het sectiehoofd of het clusterhoofd wordt ondermandaat verleend aan de plaatsvervangend directeur, het plaatsvervangend afdelingshoofd, het plaatsvervangend sectiehoofd of het plaatsvervangend clusterhoofd.
2. De aanwijzing van een plaatsvervangend directeur, plaatsvervangend afdelingshoofd, plaatsvervangend sectiehoofd en plaatsvervangend clusterhoofd geschiedt door de directeur, in overeenstemming met de directeur-generaal.
3. Het ondermandaat van extern ingehuurde plaatsvervangend directeuren, plaatsvervangend afdelingshoofden, plaatsvervangend sectiehoofden en plaatsvervangend clusterhoofden heeft geen betrekking op het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen.
2. De aanwijzing van een plaatsvervangend directeur, plaatsvervangend afdelingshoofd, plaatsvervangend sectiehoofd en plaatsvervangend clusterhoofd geschiedt door de directeur, in overeenstemming met de directeur-generaal.
3. Het ondermandaat van extern ingehuurde plaatsvervangend directeuren, plaatsvervangend afdelingshoofden, plaatsvervangend sectiehoofden en plaatsvervangend clusterhoofden heeft geen betrekking op het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen.