BWBR0043148
Geldig vanaf 2020-02-12
Artikel 6
Regeling experiment integraal pgb 2019
1. In afwijking van artikel 5, eerste lid, aanhef en onderdeel b, en vierde lid, kan de Sociale verzekeringsbank rechtstreeks aan de deelnemer betalen:
a. door die deelnemer gemaakte vervoerskosten; of
b. een verantwoordingsvrij bedrag voor diensten.
2. In afwijking van artikel 5, tweede, vierde en vijfde lid, onderdelen d en e, ontvangt de Sociale verzekeringsbank van de deelnemer een verzoek om een verantwoordingsvrij bedrag voor diensten voor het eindigen van de beschikking tot verlening van een integraal budget.
3. De Sociale verzekeringsbank verricht betalingen, indien de declaratie voor vervoerskosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, of het verzoek, bedoeld in het tweede lid, is opgesteld met gebruikmaking van een model dat door de Sociale verzekeringsbank daartoe beschikbaar is gesteld.
4. In afwijking van artikel 5, vijfde lid, onderdelen d en e, kan de Sociale verzekeringsbank beslissen tot beëindiging of opschorting van de betalingen of een gehele of gedeeltelijke weigering of opschorting van een betaling uit het integraal budget indien de Sociale verzekeringsbank een declaratie ter betaling van de vervoerskosten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet uiterlijk binnen tien weken, na de maand waarin de prestatie is verleend, ontvangt van de deelnemer.
a. door die deelnemer gemaakte vervoerskosten; of
b. een verantwoordingsvrij bedrag voor diensten.
2. In afwijking van artikel 5, tweede, vierde en vijfde lid, onderdelen d en e, ontvangt de Sociale verzekeringsbank van de deelnemer een verzoek om een verantwoordingsvrij bedrag voor diensten voor het eindigen van de beschikking tot verlening van een integraal budget.
3. De Sociale verzekeringsbank verricht betalingen, indien de declaratie voor vervoerskosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, of het verzoek, bedoeld in het tweede lid, is opgesteld met gebruikmaking van een model dat door de Sociale verzekeringsbank daartoe beschikbaar is gesteld.
4. In afwijking van artikel 5, vijfde lid, onderdelen d en e, kan de Sociale verzekeringsbank beslissen tot beëindiging of opschorting van de betalingen of een gehele of gedeeltelijke weigering of opschorting van een betaling uit het integraal budget indien de Sociale verzekeringsbank een declaratie ter betaling van de vervoerskosten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet uiterlijk binnen tien weken, na de maand waarin de prestatie is verleend, ontvangt van de deelnemer.