BWBR0042927
Geldig vanaf 2020-01-01
Artikel VII
Wijzigingsbesluit Besluit bezoldiging politie, enz. (formalisering en uitvoering Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Politie 2018–2020 inzake diverse afspraken aangaande ambtenaren, werkzaam in de sector Politie)
1. In 2018 wordt een eenmalige uitkering uitbetaald aan de ambtenaren, bedoeld in artikel 1, eerste lid onder b, c, d, e en f van het Besluit algemene rechtspositie politie, die op 1 januari 2018 en op 1 november 2018 als zodanig zijn aangesteld binnen de sector Politie.
2. De in het eerste lid bedoelde uitkering is pensioengevend, bedraagt € 400 voor de ambtenaar met een aanstelling op 1 januari 2018 van 36 uur of meer per week en een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien de ambtenaar slechts een gedeelte van zijn bezoldiging geniet, heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige uitkering.
4. Geen eenmalige uitkering ontvangen de ambtenaren bedoeld in het eerste lid, die op 1 januari 2018 geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon onbezoldigd verlof. Indien dit verlof niet volledig genoten wordt, wordt de uitkering naar rato van de daadwerkelijke dienstverrichting berekend.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de uitkering.
2. De in het eerste lid bedoelde uitkering is pensioengevend, bedraagt € 400 voor de ambtenaar met een aanstelling op 1 januari 2018 van 36 uur of meer per week en een evenredig deel daarvan ingeval van een aanstelling van minder dan 36 uur per week.
3. Indien de ambtenaar slechts een gedeelte van zijn bezoldiging geniet, heeft dit geen invloed op de hoogte van de eenmalige uitkering.
4. Geen eenmalige uitkering ontvangen de ambtenaren bedoeld in het eerste lid, die op 1 januari 2018 geen bezoldiging ontvingen in verband met buitengewoon onbezoldigd verlof. Indien dit verlof niet volledig genoten wordt, wordt de uitkering naar rato van de daadwerkelijke dienstverrichting berekend.
5. De ambtenaar kan op eigen verzoek afzien van de uitkering.