1. De competentie orthopedagogische deskundigheid omvat de bekwaamheid om:
a. doeltreffende en ethisch verantwoorde orthopedagogische diagnostiek, begeleiding en behandeling toe te passen binnen de jeugd-, gehandicapten-, ouderen- en geestelijke gezondheidszorg en het onderwijs;
b. wetenschappelijke kennis over opvoedings- en psychische stoornissen toe te passen bij het handelen als orthopedagoog-generalist;
c. maatschappelijke opvoedings- en ontwikkelingsvraagstukken te betrekken bij het handelen als orthopedagoog-generalist;
d. de zorginhoudelijke, juridische, culturele en sociaaleconomische context van de zorgvrager en degenen die bij zijn opvoeding- en ontwikkeling betrokken zijn, te betrekken bij het handelen als orthopedagoog-generalist.
2. De competentie communicatie omvat de bekwaamheid om:
a. met zorgvragers een goede behandelrelatie aan te gaan dan wel te onderhouden op basis van wederzijds begrip, empathie en vertrouwen;
b. informatie te verzamelen over de hulpvraag van de zorgvrager, van degenen die bij zijn opvoeding- en ontwikkeling betrokken zijn en de verzamelde informatie te integreren;
c. relevante informatie te bespreken met de zorgvrager, degenen die bij zijn opvoeding- en ontwikkeling betrokken zijn of andere zorgverleners om zo optimale zorg aan de zorgvrager te leveren;
d. doeltreffend in woord en geschrift te communiceren met andere zorgverleners over de aan hem toevertrouwde zorgvragers;
e. de zorgvrager en degenen die bij zijn opvoeding en ontwikkeling betrokken zijn te begeleiden;
f. met diverse groepen van zorgvragers zoals kinderen, jeugdigen, volwassenen en ouderen en zorgvragers met verschillende zorginhoudelijke, juridische, culturele en sociaaleconomische achtergronden om te gaan.
3. De competentie organisatie omvat de bekwaamheid om:
a. doeltreffend gebruik te maken van informatietechnologie;
b. een visie en doelstelling te formuleren, een strategie te ontwikkelen en adequate actie te ondernemen die bijdragen aan de ontwikkeling van de eigen organisatie voor een doeltreffende en doelmatige zorgverlening;
c. middelen effectief in te zetten voor gezondheidszorg, onderzoek en onderwijs.
d. goed geïnformeerd te zijn over het Nederlandse gezondheidszorgsysteem, en deze kennis doeltreffend en efficiënt te benutten voor de eigen functie en organisatie;
e. de uitgangspunten van kwaliteitszorg, zijnde bewaking, bevordering en waarborging, in de praktijk toe te passen.
4. De competentie samenwerking omvat de bekwaamheid om:
a. in samenspraak met andere zorgverleners op doeltreffende wijze te komen tot samenwerking;
b. een doeltreffende bijdrage aan interdisciplinaire teams op het gebied van zorg, onderwijs en onderzoek te leveren.
5. De competentie kennis en wetenschap omvat de bekwaamheid:
a. toegepast empirisch wetenschappelijk onderzoek op te zetten, uit te voeren en te evalueren;
b. de principes van wetenschappelijk denken toe te passen op en te vertalen naar bronnen van orthopedagogische informatie en toe te passen in interactie met anderen;
c. bij beslissingen en handelingen in de orthopedagogische praktijk het beschikbare wetenschappelijke bewijs te betrekken.
6. De competentie professionaliteit omvat de bekwaamheid om:
a. op een verbindende en betrokken wijze orthopedagogische zorg te leveren, met aandacht voor de integriteit van de zorgvrager;
b. adequaat professioneel gedrag te demonstreren in gezondheidszorg, wetenschappelijk onderzoek en onderwijs;
c. op sterke en zwakke kanten in het eigen functioneren te reflecteren en daardoor sturing te geven aan het eigen leerproces en verantwoordelijkheid te nemen voor de eigen professionele groei, met als doel levenslange ontwikkeling als professional;
d. te reflecteren op het eigen handelen in de orthopedagogische praktijk, in relatie tot de eigen gevoelens en cognities;
e. te reflecteren op de invloed van eigen attitude, normen en waarden op het eigen orthopedagogisch handelen.
7. De competentie maatschappelijk handelen omvat de bekwaamheid om:
a. de impact van maatschappelijke ontwikkelingen en relevante wet- en regelgeving te vertalen naar verantwoorde preventie en zorgverlening;
b. de impact van maatschappelijke ontwikkelingen te vertalen naar beleidsadviezen op individueel, macro- en mesoniveau;
c. een bijdrage te leveren aan het maatschappelijk debat en beleid rondom de orthopedagogische zorgverlening.