BWBR0042632
Geldig vanaf 10-10-2019
Artikel 4:41:3
Reglement Participatiefonds voor het Primair Onderwijs en de Expertisecentra 2020
1. In geval van een daling van de rijksbekostiging materiele instandhouding kan de werkgever op drie data het dienstverband van schoonmaakpersoneel beëindigen:
A. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019, of
B. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020, of
C. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020
2. De werkgever overlegt, afhankelijk van de ontslagdatum, de vergelijking zoals bepaald in artikel 4:41:3 onder A, B of C:
A. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2019 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
B. beëindiging dienstverband per 1 januari 2020 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
C. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2020 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2020 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2020 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
A. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019, of
B. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020, of
C. Het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020
2. De werkgever overlegt, afhankelijk van de ontslagdatum, de vergelijking zoals bepaald in artikel 4:41:3 onder A, B of C:
A. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2019 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2019 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de verwachte omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
B. beëindiging dienstverband per 1 januari 2020 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 januari 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2019 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
C. beëindiging dienstverband per 1 augustus 2020 1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2020 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
1. Indien het dienstverband wordt beëindigd per 1 augustus 2020 dan toont de werkgever aan dat de daling van de vergoeding per 1 januari 2020 ten opzichte van de vergoeding per 1 januari 2019, inclusief andere niet voortgezette/beëindigde dienstverbanden en natuurlijk verloop, minimaal gelijk is aan de omvang van het gemelde ontslag.
2. De werkgever legt daartoe over een vergelijking over de jaren 2019 en 2020.
3. Tevens overlegt de werkgever een gespecificeerde opgave in loonkosten van de omvang van het natuurlijk verloop van schoonmaakpersoneel en de andere niet voortgezette/ beëindigde dienstverbanden van schoonmaakpersoneel in de periode vanaf 1 januari 2020 aan de hand van de loonkostentool van het Participatiefonds.
- Citeren als
- Art. 4:41:3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0042632
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl