BWBR0042503
Geldig vanaf 2019-08-28
Artikel 2
Besluit erkenning schietverenigingen
1. De schietvereniging bedoeld in artikel 1overlegt binnen drie maanden na datum van inwerkingtreding van dit besluit aan Onze Minister:
a. een afschrift van een geldig certificaat als bedoeld in artikel 43b, eerste lid, van de Regeling wapens en munitie, en
b. een verklaring van het bestuur van de vereniging dat zij geen kennis draagt van vrees voor misbruik van wapens of munitie door de vereniging of zijn leden.
2. Indien een schietvereniging niet beschikt over het in het eerste lid, onder a, bedoelde certificaat, overlegt de schietvereniging in plaats daarvan daarmee gelijk te stellen documentatie. Zulks ter beoordeling aan Onze Minister.
3. De erkenning vervalt indien niet binnen drie maanden na inwerkingtreding van dit besluit wordt voldaan aan de voorwaarden uit het eerste lid.
a. een afschrift van een geldig certificaat als bedoeld in artikel 43b, eerste lid, van de Regeling wapens en munitie, en
b. een verklaring van het bestuur van de vereniging dat zij geen kennis draagt van vrees voor misbruik van wapens of munitie door de vereniging of zijn leden.
2. Indien een schietvereniging niet beschikt over het in het eerste lid, onder a, bedoelde certificaat, overlegt de schietvereniging in plaats daarvan daarmee gelijk te stellen documentatie. Zulks ter beoordeling aan Onze Minister.
3. De erkenning vervalt indien niet binnen drie maanden na inwerkingtreding van dit besluit wordt voldaan aan de voorwaarden uit het eerste lid.