BWBR0042326
Geldig vanaf 2019-06-26
Artikel 3.5
Besluit forensische zorg
1. Het hoofd van de private instelling met een bijzondere aanwijzing, bedoeld in artikel 3.3, eerste lid, van de weten het hoofd van de rijksinstelling houden aantekeningen bij van de beslissingen tot beperking van het recht op onaantastbaarheid van het lichaam van de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde, genoemd in de artikelen 24 tot en met 28en 30 van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, alsmede van de beslissingen tot afzondering of separatie, genoemd in artikel 34, en van elke strafoplegging genoemd in artikel 49 van die wet.
2. De aantekeningen bevatten in elk geval:
a. de personalia van de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde;
b. de aard van de genomen beslissing;
c. de omstandigheden die aanleiding gaven tot het nemen van de beslissing;
d. de diagnose, voor zover de beslissing wordt genomen ter afwending van ernstig nadeel dat voortvloeit uit de psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap van de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde;
e. indien de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde zich tegen de beslissing heeft verzet, een mededeling daarvan.
3. Onze Minister stelt het model voor de aantekeningen vast.
2. De aantekeningen bevatten in elk geval:
a. de personalia van de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde;
b. de aard van de genomen beslissing;
c. de omstandigheden die aanleiding gaven tot het nemen van de beslissing;
d. de diagnose, voor zover de beslissing wordt genomen ter afwending van ernstig nadeel dat voortvloeit uit de psychische stoornis, psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap van de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde;
e. indien de ter beschikking gestelde of anderszins verpleegde zich tegen de beslissing heeft verzet, een mededeling daarvan.
3. Onze Minister stelt het model voor de aantekeningen vast.