BWBR0042213
Geldig vanaf 2022-01-01
Artikel VI
Uitvoeringswet EG-verordening 300/2008
1. Een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor de datum van de inwerkingtreding van deze wet verleende erkenning als erkend agent, bekende afzender of erkend leverancier van vluchtbenodigdheden wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze wet aangemerkt als een erkenning als bedoeld in artikel 37o, eerste lid, onder a, b of c, van de Luchtvaartwet.
2. Een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor de datum van de inwerkingtreding van deze wet verleende erkenning als ACC3-luchtvaartmaatschappij wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de voornoemde wet aangemerkt als een erkenning als bedoeld in artikel 37o, tweede lid, van de Luchtvaartwet.
3. Een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor de datum van de inwerkingtreding van deze wet verleende erkenning als explosievenspeurhondenteam wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de voornoemde wet aangemerkt als een instemming als bedoeld in artikel 37acb, van de Luchtvaartwet.
2. Een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor de datum van de inwerkingtreding van deze wet verleende erkenning als ACC3-luchtvaartmaatschappij wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de voornoemde wet aangemerkt als een erkenning als bedoeld in artikel 37o, tweede lid, van de Luchtvaartwet.
3. Een door Onze Minister van Justitie en Veiligheid voor de datum van de inwerkingtreding van deze wet verleende erkenning als explosievenspeurhondenteam wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de voornoemde wet aangemerkt als een instemming als bedoeld in artikel 37acb, van de Luchtvaartwet.