BWBR0042157
Geldig vanaf 27-04-2019
Artikel 3
Besluit ondertekening en mandaat College van Toezicht Auteursrechten
1. Aan de secretaris wordt mandaat verleend tot het uitoefenen van de navolgende bevoegdheden:
a. het stellen van een termijn ten behoeve van het aanvullen van een aanvraag als bedoeld in artikel 4:15, eerste lid van de Awb;
b. het stellen van een termijn ten behoeve van het herstellen van een verzuim op grond van artikel 6:6 van de Awb;
c. het nemen van besluit met betrekking tot de dwangsomregeling als bedoeld artikel 4:18 Awb;
d. het nemen van een besluit tot verdaging van de beslistermijn op grond van artikel 7:10 Awb;
e. het nemen van een besluit tot verdaging van de beslistermijn op grond van artikel 6, tweede lid, van de Wet openbaarheid van bestuur.
2. Een krachtens mandaat genomen besluit dient te worden ondertekend als volgt:
(1) Namens het College van Toezicht Auteursrechten,
(2) [naam], de secretaris
a. het stellen van een termijn ten behoeve van het aanvullen van een aanvraag als bedoeld in artikel 4:15, eerste lid van de Awb;
b. het stellen van een termijn ten behoeve van het herstellen van een verzuim op grond van artikel 6:6 van de Awb;
c. het nemen van besluit met betrekking tot de dwangsomregeling als bedoeld artikel 4:18 Awb;
d. het nemen van een besluit tot verdaging van de beslistermijn op grond van artikel 7:10 Awb;
e. het nemen van een besluit tot verdaging van de beslistermijn op grond van artikel 6, tweede lid, van de Wet openbaarheid van bestuur.
2. Een krachtens mandaat genomen besluit dient te worden ondertekend als volgt:
(1) Namens het College van Toezicht Auteursrechten,
(2) [naam], de secretaris
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0042157
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl