BWBR0042016
Geldig vanaf 2019-08-01
Artikel 16
Gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum ‘Zeeuws archief’
1. De voor de uitvoering van deze regeling ter beschikking te stellen middelen worden verschaft door de Minister en de gemeenten, door het verstrekken van jaarlijkse bijdragen, op basis van de begroting.
2. De Minister en de colleges dragen er zorg voor dat het openbaar lichaam te allen tijde beschikt over voldoende middelen om zijn verplichtingen te voldoen. Dit met inachtneming van het achtste lid.
3. De jaarlijkse bijdragen voor de Minister en de gemeenten Middelburg en Veere worden bepaald op respectievelijk € 2.851.000,-, € 347.505 en € 97.277. Voornoemde bedragen zijn het prijspeil van 2004.
4. De bijdrage van de Minister kan jaarlijks worden aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage, zoals dit in voorkomend geval door de Minister in de loop van het begrotingsjaar voor het geheel van zijn bijdrage wordt vastgesteld. De gemeenten volgen in deze de Minister in de aanpassing van zijn bijdrage.
5. Het Zeeuws archief kan bij de vaststelling van de begroting een percentage opnemen als voorlopige raming van het door de Minister en de colleges vast te stellen percentage als bedoeld in het tweede lid.
6. Bij de start van het Zeeuws archief en voor de uitvoering van deze regeling kunnen door de verschillende partners vermogensbestanddelen worden ingebracht waarover nadere afspraken gemaakt worden.
7. De bijdrage wordt verleend onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
8. Indien de Minister of de gemeenten een bijzondere taak opdraagt als bedoeld in artikel 2b, onder d, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting, wordt daarvoor door de Minister of de gemeente opdrachtgever in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een tevoren overeengekomen vergoeding betaald.
2. De Minister en de colleges dragen er zorg voor dat het openbaar lichaam te allen tijde beschikt over voldoende middelen om zijn verplichtingen te voldoen. Dit met inachtneming van het achtste lid.
3. De jaarlijkse bijdragen voor de Minister en de gemeenten Middelburg en Veere worden bepaald op respectievelijk € 2.851.000,-, € 347.505 en € 97.277. Voornoemde bedragen zijn het prijspeil van 2004.
4. De bijdrage van de Minister kan jaarlijks worden aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage, zoals dit in voorkomend geval door de Minister in de loop van het begrotingsjaar voor het geheel van zijn bijdrage wordt vastgesteld. De gemeenten volgen in deze de Minister in de aanpassing van zijn bijdrage.
5. Het Zeeuws archief kan bij de vaststelling van de begroting een percentage opnemen als voorlopige raming van het door de Minister en de colleges vast te stellen percentage als bedoeld in het tweede lid.
6. Bij de start van het Zeeuws archief en voor de uitvoering van deze regeling kunnen door de verschillende partners vermogensbestanddelen worden ingebracht waarover nadere afspraken gemaakt worden.
7. De bijdrage wordt verleend onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
8. Indien de Minister of de gemeenten een bijzondere taak opdraagt als bedoeld in artikel 2b, onder d, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting, wordt daarvoor door de Minister of de gemeente opdrachtgever in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een tevoren overeengekomen vergoeding betaald.