BWBR0041948
Geldig vanaf 2019-02-28
Artikel 3
Instellingsbesluit Audit Committee Ministerie van Algemene Zaken
1. In het Audit Committee hebben zitting:
a. als voorzitter, tevens lid, de secretaris-generaal;
b. als externe leden: tenminste twee door de Minister benoemde onafhankelijke externe leden;
c. een directeur van de Algemene Rekenkamer;
d. de directeur Financieel-Economische Zaken en een directeur van de Auditdienst Rijk ondersteunen het Audit Committee als deskundigen en nemen uit dien hoofde deel aan de vergaderingen van het Audit Committee;
e. als agendaleden: de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeur-generaal van de Rijksvoorlichtingsdienst, de plaatsvervangend directeur-generaal van de Rijksvoorlichtingsdienst, de directeur van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, de directeur Bedrijfsvoering, de directeur van de Dienst Publiek en Communicatie, de directeur van het Kabinet van de Koning, de voorzitter van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten en de voorzitter van de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden.
a. als voorzitter, tevens lid, de secretaris-generaal;
b. als externe leden: tenminste twee door de Minister benoemde onafhankelijke externe leden;
c. een directeur van de Algemene Rekenkamer;
d. de directeur Financieel-Economische Zaken en een directeur van de Auditdienst Rijk ondersteunen het Audit Committee als deskundigen en nemen uit dien hoofde deel aan de vergaderingen van het Audit Committee;
e. als agendaleden: de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeur-generaal van de Rijksvoorlichtingsdienst, de plaatsvervangend directeur-generaal van de Rijksvoorlichtingsdienst, de directeur van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, de directeur Bedrijfsvoering, de directeur van de Dienst Publiek en Communicatie, de directeur van het Kabinet van de Koning, de voorzitter van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten en de voorzitter van de Toetsingscommissie inzet bevoegdheden.