BWBR0041918
Geldig vanaf 2019-02-19
Artikel 2
Vrijstellingsregeling bovengronds aanwenden runderdrijfmest 2019–2023
1. Vrijstelling van het verbod, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen, wordt verleend voor zover het gaat om de aanwending van runderdrijfmest, waarbij de runderdrijfmest:
a. geproduceerd is op het eigen bedrijf;
b. op grasland van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond wordt aangewend;
c. niet wordt aangewend binnen een afstand van ten minste twee meter vanaf de insteek van een watergang.
2. De vrijstelling geldt niet voor de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond van een landbouwer die beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 25a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwetof daarvoor een aanvraag heeft gedaan.
a. geproduceerd is op het eigen bedrijf;
b. op grasland van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond wordt aangewend;
c. niet wordt aangewend binnen een afstand van ten minste twee meter vanaf de insteek van een watergang.
2. De vrijstelling geldt niet voor de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond van een landbouwer die beschikt over een vergunning als bedoeld in artikel 25a van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwetof daarvoor een aanvraag heeft gedaan.