BWBR0041633
Geldig vanaf 2018-12-07
Artikel 6
Subsidieregeling regionale aanpak lerarentekort
1. De aanvraag kan vanaf 15 januari 2019 tot en met 31 augustus 2019 worden ingediend. De aanvraag bestaat ten minste uit een plan van aanpak met een begroting.
2. De regio waar de aanvraag voor het primair onderwijs betrekking op heeft voldoet aan de volgende eisen:
a. ten minste een derde van de besturen van de in de betreffende regio gevestigde scholen voor primair onderwijs neemt deel aan de aanvraag;
b. de scholen, bedoeld in onderdeel a, hebben ten minste een derde van de personeelsomvang met een minimum van ten minste 800 fte; en
c. één of meer besturen van lerarenopleidingen voor primair onderwijs nemen deel aan de activiteiten waar de aanvraag betrekking op heeft;
d. onder een regio valt niet het grondgebied van de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
3. De regio waar de aanvraag voor het voortgezet onderwijs betrekking op heeft, voldoet aan de volgende eisen:
a. ten minste een derde van de besturen van de in de betreffende regio gevestigde scholen voor voortgezet onderwijs neemt deel aan de aanvraag;
b. de scholen, bedoeld in onderdeel a, hebben ten minste een derde van de personeelsomvang met een minimum van ten minste 1.200 fte; en
c. één of meer besturen van lerarenopleidingen voor voortgezet onderwijs nemen deel aan de activiteiten waar de aanvraag betrekking op heeft;
d. onder een regio valt niet het grondgebied van de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
4. Het tweede en derde lid zijn beide van toepassing op een sectoroverstijgende aanvraag.
5. Het plan van aanpak bevat naast de onderdelen van artikel 3.4 van de kaderregelingin ieder geval een beschrijving van:
a. de regio,
b. de besturen en eventueel andere partijen die deelnemen aan de uitvoering van het plan van aanpak;
c. de wijze waarop de opbrengsten worden geborgd;
d. de contactpersoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt.
6. De begroting voldoet onverminderd artikel 3.5 van de kaderregelingaan de volgende eisen:
a. de begroting geeft inzicht in de cofinanciering;
b. de begroting bevat geen post onvoorziene kosten.
7. De aanvraag wordt mede ondertekend door alle besturen die deelnemen aan de uitvoering van het plan van aanpak. Hiermee verklaren zij gezamenlijk het plan van aanpak uit te zullen voeren. Zij verklaren bovendien dat alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de aanvrager van de besteding van de subsidie op verzoek aan de aanvrager worden verstrekt.
8. De aanvraag geschiedt met het digitale aanvraagformulier dat via de website van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen beschikbaar wordt gesteld.
2. De regio waar de aanvraag voor het primair onderwijs betrekking op heeft voldoet aan de volgende eisen:
a. ten minste een derde van de besturen van de in de betreffende regio gevestigde scholen voor primair onderwijs neemt deel aan de aanvraag;
b. de scholen, bedoeld in onderdeel a, hebben ten minste een derde van de personeelsomvang met een minimum van ten minste 800 fte; en
c. één of meer besturen van lerarenopleidingen voor primair onderwijs nemen deel aan de activiteiten waar de aanvraag betrekking op heeft;
d. onder een regio valt niet het grondgebied van de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
3. De regio waar de aanvraag voor het voortgezet onderwijs betrekking op heeft, voldoet aan de volgende eisen:
a. ten minste een derde van de besturen van de in de betreffende regio gevestigde scholen voor voortgezet onderwijs neemt deel aan de aanvraag;
b. de scholen, bedoeld in onderdeel a, hebben ten minste een derde van de personeelsomvang met een minimum van ten minste 1.200 fte; en
c. één of meer besturen van lerarenopleidingen voor voortgezet onderwijs nemen deel aan de activiteiten waar de aanvraag betrekking op heeft;
d. onder een regio valt niet het grondgebied van de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht.
4. Het tweede en derde lid zijn beide van toepassing op een sectoroverstijgende aanvraag.
5. Het plan van aanpak bevat naast de onderdelen van artikel 3.4 van de kaderregelingin ieder geval een beschrijving van:
a. de regio,
b. de besturen en eventueel andere partijen die deelnemen aan de uitvoering van het plan van aanpak;
c. de wijze waarop de opbrengsten worden geborgd;
d. de contactpersoon die gedurende de looptijd van de subsidie fungeert als aanspreekpunt.
6. De begroting voldoet onverminderd artikel 3.5 van de kaderregelingaan de volgende eisen:
a. de begroting geeft inzicht in de cofinanciering;
b. de begroting bevat geen post onvoorziene kosten.
7. De aanvraag wordt mede ondertekend door alle besturen die deelnemen aan de uitvoering van het plan van aanpak. Hiermee verklaren zij gezamenlijk het plan van aanpak uit te zullen voeren. Zij verklaren bovendien dat alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de aanvrager van de besteding van de subsidie op verzoek aan de aanvrager worden verstrekt.
8. De aanvraag geschiedt met het digitale aanvraagformulier dat via de website van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen beschikbaar wordt gesteld.