1. SBB vormt een voorziening voor de verplichtingen met betrekking tot gewezen personeel als gevolg van de inwerkingtreding van de
Wet van 16 april 2015 tot wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs inzake overgang van de wettelijke taken van kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven naar de Samenwerkingsorganisatie beroepsonderwijs bedrijfsleven(Stb. 2015, 170), alsmede voor het beheer van de verplichtingen en al hetgeen daaruit voortvloeit.
2. Voor het bepalen van de hoogte van de voorziening wordt uitgegaan van een maximaal risico.
3. Indien in enig jaar uit de jaarrekening blijkt dat de stand van de voorziening hoger is dan redelijkerwijs noodzakelijk is voor het doel, wordt dit overschot eerst ingezet om de egalisatiereserve aan te vullen. Het overschot dat resteert wordt verrekend met de te verlenen subsidie voor het volgend jaar.
4. SBB verstrekt de minister op diens verzoek alle gegevens die nodig zijn om de hoogte van de voorziening te kunnen beoordelen.