1. Als kosten voor de uitvoering van een verzoek tot het doen van onderzoek als bedoeld in
artikel 22a, vierde lid of zesde lid, tweede volzin, van de wet, worden aangemerkt de kosten die de netbeheerder voorafgaand aan de investeringsbeslissing van de indiener maakt:
a. voortvloeiend uit overeenkomsten van opdracht;
b. voor personele inzet;
c. voor andere zaken of werkzaamheden die zijn toe te rekenen aan de uitvoering van het verzoek tot het doen van onderzoek.
2. Als kosten voor de uitvoering van een verplaatsing of vervanging als bedoeld in
artikel 22a, eerste lid en zesde lid, laatste volzin, worden aangemerkt de kosten die de netbeheerder na de investeringsbeslissing van de indiener maakt:
a. voor het opstellen van een ontwerp voor vervanging of verplaatsing van het betreffende deel van het net;
b. voor materiële en personele inzet;
c. voortvloeiend uit een voor de realisatie gesloten overeenkomst van aanneming van werk of de levering van diensten en materialen;
d. voor de verwerving van een onroerende zaak of de vestiging van een beperkt recht op een onroerende zaak;
e. voor het verwijderen van resterende onderdelen van het te vervangen of te verplaatsen deel van het net;
f. voor herstel van de terreinen waar verplaatsing of vervanging heeft plaatsgevonden;
g. voor communicatie over de uit te voeren werkzaamheden;
h. voor andere zaken of werkzaamheden die zijn toe te rekenen aan de uitvoering van de verplaatsing of vervanging.
3. Op de kosten voor de uitvoering van een verzoek tot verplaatsing of vervanging als bedoeld in het tweede lid worden in mindering gebracht:
a. kosten voor voorgenomen investeringen in het te verplaatsen of te vervangen deel van het net, voor zover de investering was voorzien in een ten tijde van het verzoek laatst vastgestelde investeringsplan als bedoeld in artikel 21 van de wet;
b. eventuele aan de netbeheerder toekomende opbrengsten vanwege het vrijkomen van een onroerende zaak door de verplaatsing of vervanging.
4. Als kosten voor de uitvoering van een verzoek als bedoeld in het eerste of tweede lid worden niet aangemerkt de kosten die door een college van burgemeester en wethouders of van gedeputeerde staten worden gemaakt, waaronder kosten voor de voorbereiding van voor de verplaatsing of vervanging benodigde besluiten.