BWBR0041330
Geldig vanaf 2024-07-01
Artikel 4.241
Besluit activiteiten leefomgeving
Aan artikel 4.239, eerste lid, wordt in ieder geval voldaan als een gasgestookte oven wordt gebruikt met een capaciteit voor het reinigen van producten van minder dan 5 ton, en:
a. de rookgassen uit de gasgestookte oven worden geleid door een geschikte naverbrander, die zo is ingeregeld dat: 1°. de temperatuur tot het einde van de cyclus ten minste 850 °C is;
2°. de naverbrander op temperatuur is voordat het schoonbranden begint;
3°. de verblijftijd van de rookgassen ten minste twee seconden is; en
4°. de emissieconcentratie van koolmonoxide lager is dan 100 mg/Nm3;
1°. de temperatuur tot het einde van de cyclus ten minste 850 °C is;
2°. de naverbrander op temperatuur is voordat het schoonbranden begint;
3°. de verblijftijd van de rookgassen ten minste twee seconden is; en
4°. de emissieconcentratie van koolmonoxide lager is dan 100 mg/Nm3;
b. de rookgassen alleen via de naverbrander uit de gasgestookte oven kunnen worden afgevoerd; en
c. het temperatuurverloop van de gasgestookte oven en de naverbrander continu wordt geregistreerd.
a. de rookgassen uit de gasgestookte oven worden geleid door een geschikte naverbrander, die zo is ingeregeld dat: 1°. de temperatuur tot het einde van de cyclus ten minste 850 °C is;
2°. de naverbrander op temperatuur is voordat het schoonbranden begint;
3°. de verblijftijd van de rookgassen ten minste twee seconden is; en
4°. de emissieconcentratie van koolmonoxide lager is dan 100 mg/Nm3;
1°. de temperatuur tot het einde van de cyclus ten minste 850 °C is;
2°. de naverbrander op temperatuur is voordat het schoonbranden begint;
3°. de verblijftijd van de rookgassen ten minste twee seconden is; en
4°. de emissieconcentratie van koolmonoxide lager is dan 100 mg/Nm3;
b. de rookgassen alleen via de naverbrander uit de gasgestookte oven kunnen worden afgevoerd; en
c. het temperatuurverloop van de gasgestookte oven en de naverbrander continu wordt geregistreerd.